Beijing revisited
Foto's en vertelsels van en over een tweede reis naar Beijng
19 december 2003 tot 2 januari 2004
<laatste wijziging 20 januari 2006>


Vooraf
In december 2000 heb ik voor het eerst kennis gemaakt met Beijing. Eigenlijk was het zo'n rare inval: weinig zin om traditioneel Kerst te vieren, en toch ook niet bereid om veel energie te steken in de organisatie van een alternatieve kerstviering. Dus even kijken op internet of er nog leuke groepsreisjes zijn in die periode. Kras adverteerde toen met de slogan 'Peking Eend eten op kerstavond, inclusief de heen- en terugreis' en dat alles voor de luttele prijs van fl. 1029 (vanaf natuurlijk). Internet heeft iets gevaarlijks op dit terrein: je bekijkt het, kijkt nog eens goed, grijpt je creditcard, en klaar is kees! Zo werd dus mijn eerste Beijing-reis geboekt. Acht dagen Beijing, met nog een excursie-pakket erbij, zodat je wel optimaal gebruik maakt van de beschikbare tijd. Het werd een kortstondige fascinerende kennismaking die zoveel indruk heeft gemaakt, dat ik meteen wist: ik kom ik nog een keer terug. Een groepsreis is natuurlijk harstikke comfortabel, want bijna alles wordt voor je geregeld. Je hoeft alleen maar op tijd op te staan, de bus instappen, en hopsakee, op naar de volgende attractie. Maar het mist diepgang. Echt rustig genieten ... Dat kan niet. En veel ervaringen zijn vanwege de geringe beschikbare tijd oppervlakkig. Als eenling met een groepsreis meedoen is leuk, het heeft echter ook zijn nadelen. Dus toen in december 2003 zich de gelegenheid voordeed om met een reisgenote de Beijing-reis te herhalen ... Met beide handen aangrijpen natuurlijk. In dit internet-reisverslag wat van mijn impressies.
Vrijdag 19 december 2003
Vertrek vanaf Amsterdam, beoogde vertrektijd 18:50 uur. Uiteindelijk arriveert het vliegtuig van China Southern Airlines (Boeing 777) met een vertraging van circa één uur uit Beijing op Schiphol. De vertrektijd is rond 20:20 uur. Met een tijdverschil van 7 uur arriveren we rond 12:00 uur de volgende dag op Beijing Capital International Airport. Vluchttijd circa 8.30 uur.
Zaterdag 20 december 2003
Vanaf het vliegveld vergt het ongeveer drie kwartier om bij ons hotel, het Qianmen Hotel, ten zuidwesten van het Plein van de Hemelse Vrede (Tian'anmen) terecht te komen. Na een paar uurtjes rust vertrekken we met de groep waar we mee zijn aangekomen naar een restaurant in de buurt van het hotel. In aansluiting op het voedzame maal brengen we een bezoek aan de 'Merry Mart', schuin tegenover ons hotel, om een voorraad mineraalwater en bier in te slaan.
De 'Krasreisleider' geeft in de bus al wat informatie over het dagelijks reilen en zeilen in Beijing. Informatie over het Chinese geld (de Yuan met zijn diverse onderverdelingen), hoe en waar te wisselen, en waar je op moet letten zodat je niet besodemieterd wordt. Nou wordt de Yuan in diverse coupures verdeeld: de grootste is het 100 Yuan biljet, waar nogal wat vervalsingen van de op de markt zijn, zoals we zullen merken bij het uitgeven van het biljet. Want het wordt altijd nauwkeurig geïnspecteerd en onder een UV-lamp gehouden. Dit heftige biljet heeft omgerekend een waarde van 10 Euro. Je zou dus de neiging hebben om je af te vragen waar ze zich druk over maken. Maar de levensstandaard in China is nu eenmaal niet dezelfde als die van Nederland. De Yuan kent verder biljetten van 50, 20, 10, 5, 2 en 1. De 1 Yuan komt dus ongeveer neer op 10 eurocent. Naar zal blijken fungeert dit biljet bij nogal wat horecagelegenheden in Beijing als een 'dikke fooi'. De Yuan is nog onderverdeeld in kleinere coupures. We hebben het dan over de Fen (uitgesproken als Fun), en inderdaad lijkt het nogal op fungeld, want de biljetten hebben Monopoly formaat. Eén Yuan is dus tien Fen. En van de Fen zijn er biljetten van 5, 2 en 1. Al met al betekent dat dat je voor je Euri nogal een fors pak Chinees papiergeld terugkrijgt. Als je je veel in hotelomgevingen en in de dure wijken ophoudt zijn er zat gelegenheden om dit geld te spenderen. Even buiten het moderne centrum wordt dat al wat moeilijker. Een duur zesgangenmenu in de Wan Fujing kost ongeveer 120 Yuan, een fortuin voor de gemiddelde Beijinger. Voor ons de prijs van een Nasi Goreng bij de Chinees. Gaan we daarentegen naar een eenvoudig eethuis tegenover de Lama Tempel, dan kost een driegangen menu inclusief een liter bier 9 Yuan. In Nederland goed voor een Nuts.
Als je al met al zo'n 17 uur aan het reizen bent is het opnamevermogen van reisinformatie niet meer van al te hoog niveau. Het is dus prettig dat ik al een keer in Beijing ben geweest, en dat ik de nodige reisgidsen heb doorgeploegd alvorens aan de trip te beginnen. We arriveren dus bij het hotel. De gids gaat aan de slag met de balie om de kamers te regelen. Onze bagage zal door de 'Bell boy' (de Chinese variant van een ouderwetse koelie) naar de kamer worden gebracht. 305 is ons kamernummer, aan het eind van de gang op de derde verdieping van het Qianmen. Natuurlijk functioneert de electronische kaart niet waarmee we de deur moeten openen. De baliemedewerker krijgt het gelukkig wel voor elkaar. En met een vermoeid gevoel betreden we de kamer waar we zes nachten zullen verblijven.
Hoewel ik me had voorgenomen om álles zelf te organiseren tijdens deze reis, is het aanbod van de gids om gezamenlijk te gaan eten op deze eerste dag te verlokkelijk om nee tegen te zeggen. De 60 Yuan die we voor het all-in diner moeten ophoesten zijn ook weer niet van dien aard dat we meteen het gevoel hebben dat we toeristisch besodemieterd worden. Dus we voegen ons deze eerste avond in de groep. Een korte wandeling (15 minuten) brengt ons bij een restauratieve gelegenheid met een nogal steriele inrichting. Maar dat blijkt later een kenmerk te zijn van veel restaurants in Beijing. De maaltijd is inderdaad voedzaam. Tien verschillende gerechten en eindeloze voorraden Beijing bier. Voor een aantal nieuwelingen in ons gezelschap een eerste kennismaking met de chopsticks, de stokjes om te eten. Ik heb vijf jaar lang in de woongroep in Nijmegen met stokjes gegeten. Dus ik doe niet onder voor de modale Beijinger wat stokjesbehendigheid betreft.
Al met al is het toch slopend, want inmiddels zijn we al 20 uur zonder slaap onderweg. We keren dus terug hotelwaarts. Onderweg worden we nog geconfronteerd met een grappig fenomeen: Chinezen houden van dansen. En bewegen, want Tai Chi (waarover later meer) heeft hier zijn roots. We zien dus een zestal chinezen dansen in het donker, vóór een spaarzaam verlichte supermarkt. Een van de dingen die je in Amsterdam niet zo snel zult zien.
De Merry Mart waar we nog even induiken blijkt echt een kolossale supermarkt te zijn. Een beetje het V&D type. Van kleding tot etenswaren. Van witbrood tot kaviaar. We slaan een voorraad bier en mineraalwater in. Kraanwater kun je in Beijing niet drinken. Maar op alle hotelkamers staat een warmwater automaat met bronwater, dus je zult niet uitdrogen. Maar een extra voorraad drinkwater is toch wel lekker.
De Beijing matrassen doen me herinneren aan mijn Hare Krishna tijd. Jesses wat harde gevallen ... Oververmoeid val je altijd wel in slaap natuurlijk, maar prettig slapen op semi houten planken ... Ik althans niet.
Zondag 21 december 2003
Met de fiets naar Tian'anmen, wandeling over het plein, bezoek aan het oude station met internet café op de hoogste verdieping, bezoek aan Qianmenpoort, vervolgens via een winkelstraatje naar het Tiantan Park met de Tempel van de Hemel (Huangqjong Yu), Tianning tempel die niet toegankelijk is, binnenmarkt, Niuji moskee, buitenmarkt, 's avonds in een restaurant een Beijing fondue met lamsvlees in de buurt van het hotel.
We hebben enorm geluk met het weer. De hele twee weken Beijing hebben we eigenlijk alleen maar zon gehad overdag. Zon in december betekent 7 - 13 graden Celsius overdag en -3 - -10 's nachts. Zonder wind is dat heel goed te doen. En zeker lekker fietsweer. Vandaar dat we besluiten om onze eerste dag meteen goed aan te pakken: een fiets huren in het hotel, en dan ons storten temidden van de 1.5 miljoen andere fietsers die hier dagelijks de Beijing straten bevolken.
Het ontbijt is inclusief in onze reis. We kunnen kiezen tussen een Westers ontbijt restaurant en een Chinees ontbijt restaurant. Mijn reisgenote heeft grote voorkeur voor Westers. Dus daar wil ik me graag in voegen. Het Westers ontbijt behelst overigens toch ook nog allerlei lekkernijen als Nasi, Dim Sung, verschillende vis en vleesgerechten, divers ei-varianten etc.etc. En niet te vergeten veel fruit. Zelfs de koffie is goed te drinken. In dat opzicht is Beijing erop vooruit gegaan. Want dat was in 2000 toch nog wel anders. Ontbijten is dus een voedzame gelegenheid, en bij het vertrek worden we nog voorzien van een flesje mineraalwater, als bonus om het zo maar eens te zeggen. Dus wat wil je nog meer.
Arianne spoedt zich na het ontbijt naar de Bell boys om te informeren over de tarieven en voorwaarden van het fietsgebruik. Dat blijkt alleszins mee te vallen. Dus rond tien uur worden twee antieke fietsen voor ons opgetuigd om Beijing met verve te gaan verkennen. Het probleem is echter dat Chinezen in de regel nogal klein van stuk zijn. Dus het zadel behoeft enige aanpassing. Helaas zal al snel blijken dat dat soort aanpassingen dermate incidenteel zijn dat de schroefconstructie een aanpassing niet lang houdt. Voor mij wordt het dus fietsen op een kinderfiets (maar dan niet in de aangename zin waar Herman van Veen het over heeft).
Fietsen in Beijing!!!
Dat betekent als enige westerlingen fietsen temidden van anderhalf miljoen Beijingnezen. Dat betekent ook enige aanpassingen. Want de verkeersregels zijn hier anders dan in ons land. Om te beginnen heeft alle rechtsafslaand verkeer voorrang. Dat levert onaangename verrassingen op als je met groen licht in zicht de straat oversteekt. Want de taxi's en andere voertuigen snijden je keihard de weg af. Ik heb me zelf de vraag gesteld of Kamikaze toch niet in China uitgevonden is, en dan met name met het oog op fietsers? Fietsen in Beijing vergt dus een andere fietsattitude: oplettendheid naar links en naar rechts is geboden. Dan komt daar nog bij dat er verschillende categorieën fietsers actief zijn, met verschillende snelheden. Vrachtfietsers hebben per definitie een slakkentempo, je moet daar dus niet tegen op botsen. Er zijn veel bussen in Beijing en die stoppen op bushaltes. Die bushaltes liggen vreemd genoeg allemaal op het fietspad. Ook dat is dus een nieuwe ervaring. Het vergt dus nogal wat behendigheid om te fietsen en tevens in leven te blijven. Maar een dagje oefenen, en als je dat overleeft, dan heb je alle kans op een vruchtbare fietsvakantie.
We fietsen richting Tian'anmen. En wat voor narigheid ik ook boven over fietsen schreef, als fietser voel je je wel meteen thuis in Beijing. Want je bent één van de velen. Onze eerste 'attractie' zal het Plein van de Hemelse Vrede zijn. De grootsheid van dit plein moet je echt ervaren. Het is in ieder geval zo groot dat in de jaren tachtig hier met gemak 500.000 mensen konden demonstreren. Het plein is omringd met Stalinistische gebouwen (uit de tijd dat het nog close was tussen China en de Sowjet Unie). Centraal op het plein staat het Mao mausoleum. De plek waar dagelijks duizenden chinezen in de rij staan om het gebalsemde lichaam van de grote leider te aanschouwen (of diens replica in was, die te voorschijn komt wanneer de gemummificeerde grootheid enig onderhoud vergt, drie dagen per week dus). Aan de ene kant van het plein de Hal van het Volk, de Chinese variant van onze Tweede Kamer. Aan de andere kant de Musea van de Chinese revolutie en van de Chinese geschiedenis. Gelukkig is men in de jaren negentig weer tot de conclusie gekomen dat dat toch verschillende zaken zijn, revolutie en geschiedenis.
Na een wandeling over het plein doen we onze eerste attractie aan: de Qianmen Poort. Ooit de oude zuidelijke stadspoort, officieel de Poort van de Middagzon genaamd. Een van de oudste overblijfselen van het oude Beijing.En vroeger de toegangspoort tot het gesloten deel van de stad. Het deel dat voorbehouden was aan de keizerlijke familie. De poort kan bezichtigd worden en biedt een prachtig uitzicht over het plein en over het gedeelte ten zuiden van Tian'anmen. Eén van de meest authentieke oude stadskernen van de stad. In de poort is een aantal musea ingericht. Onder ander het kaarten museum. Speelkaarten zijn hier blijkbaar heel erg in. Dus er is een hele afdeling van oude speelkaarten. Vanzelfsprekend is er ook een balie waar je hedendaagse speelkaarten kunt kopen. Een kaartenset van de verwoesting van de Twintowers op 11 september is wel een heel opvallend onderdeel van verkoopvoorraad. Ik ben er zelf wel geïnteresseerd in, maar mijn reisgenote is er echt niet van gediend. Macaber om van zo'n thema een spel kaarten te maken. Ik geloof niet in boze opzet. Men maakt hier nu eenmaal van alles kaarten waar enige winst uit te halen valt. Het meningsverschil over de motieven om die kaarten op de markt te brengen leidt er in ieder geval toe dat ik ze nog niet koop. 'We komen nog wel een keer terug hier', maar dat is natuurlijk niet het geval.
We fietsen weer richting zuiden. We ondernemen een poging om via de Liulichang te fietsen, de fameuze antiekstraat. Maar we vinden ze niet. Dus we keren maar eerst terug naar het hotel om de zadelproblemen van de fiets op te lossen. We krijgen een vervangende versleten fiets, maar gelukkig één waar het zadel niet iedere keer naar beneden zakt. We fietsen richting Tiantan park.
Het Tiantan park is met zijn Tempel van de Hemel (Huanqiu Tan) één van de topattracties van de stad. De tempel aan het altaar van de hemel zijn gebouwd om de hemel en de aarde tegelijkertijd te kunnen aanbidden. De eerste bouwsel stammen uit 1420, maar het altaar zelf is in 1530 gebouwd (in het negende jaar van de heerschappij van keizer Jiajing (Ming dynastie, waarover later meer). Het offeren aan de goden van hemel en aarde is lange tijd een privilege van de keizers geweest. Naast de wereldlijke macht namen de keizerlijke rituelen eigenlijk de meeste tijd. Dat de tempel in het negende jaar is gebouwd heeft een belangrijke betekenis. Negen is namelijk een heilig getal in het oude China, en het getal 9 is ook bepalend voor de architectuur van heel wat gebouwen. In deze tempel moest de keizer een gunstig klimaat afsmeken voor de oogst. Daartoe werden dieren geofferd, die in de het omringende park werden grootgebracht. In de hoogtijdagen van de keizerljke dynastieën waren de rituelen die hier werden vertrokken topevenementen, die volgens een streng schema dienden te worden verricht. De keizer kwam overigens niet alleen, hij werd vergezeld door circa 2000 dienaren en ambtenaren. In twee van de paviljoenen op het terrein van de tempel kunnen afbeeldingen van de processie worden bezichtigd. In een ander paviljoen zijn diverse traditionele muziekinstrumenten tentoongesteld die tijdens de ceremonieën werden gebruikt. De instrumenten produceren fascinerende en mysterieuze klanken. Naast het reeds genoemde getal 9, zijn nog andere symbolische principes van belang, om enige indruk te krijgen van het hoe en waarom van de ceremonieën. Allereerst het Yin - Yang principe, waarbij Yang o.a. staat voor natuurkrachten die het klimaat ongewenst kunnen beïnvloeden. Veel rituelen waren gericht op het beteugelen van de Yang krachten. Daarnaast is er het Fengshui principe, dat o.a. inhoudt dat er op aarde allerlei 'stromen' bestaan die een positieve op negatieve invloed kunnen hebben. Dit principe ligt ten grondslag aan het fundamentele architectuurbeginsel dat veel gebouwen een ingang op het zuiden hebben, en in het noorden vaak gesloten zijn. Ook bij het tempelcomplex van Tiantan zie je dit principe duidelijk terugkomen in de plek van de gebouwen en natuurlijk ook in de rituelen die de keizer moest volgen bij zijn bezwering van de natuurkrachten.
In het park treffen we nog een oudere heer die bij een oude boom bezig is met Tai Ji oefeningen. Betekenisvolle bomen zullen we nog vaker tegenkomen op diverse plekken in Beijing. Beijing is wereldberoemd vanwege zijn Tai Ji traditie.
Nog enige weblinks met info over Tiantan Park en het tempelcomplex:
http://www.chinavista.com/travel/tiantan/main.html (laat ik dit maar de website van de Tempel van de Hemel noemen)
http://www.china.org.cn/english/features/beijing/31018.htm
http://www.orientalarchitecture.com/beijing/tiantanindex.htm
http://library.thinkquest.org/26469/gather/interactive/real.html (ook de andere menutopics van deze site zijn interessant, 'history' en 'cultural revolution' )
http://cssa.mit.edu/worldheritage/h_tt.htm (nog een laatste, met mooie foto's)
We hebben de fietssmaak goed te pakken, en vervolgen deze dag met een bezoek aan de Niujie Moskee. Het oudste en bekendste moskee-complex van Beijing. Onderweg zijn we opnieuw getuige van de enorme bouwprojecten waar Beijing mee bezig is. Als je werkers in de bouw bezig ziet met hun halsbrekende toeren op grote hoogte, dan vraag je je af hoe het zit met de bouwvoorschriften hier. Ik heb ergens gelezen dat ongeveer zestig procent van de instroom van mensen uit het platteland naar Beijing bestaat uit mensen die in bouwprojecten worden tewerkgesteld. Het gemiddelde salaris van een 'bouwer' is 600 Yuan (per maand wel te verstaan), omgerekend circa 60 euro. Niet echt een vetpot dus. Door de bouwprojecten leveren de plattegronden van Beijing niet altijd soulaas om snel van de ene plek naar de andere te komen. Veel straten zijn afgezet, of zijn onherkenbaar door de bouwactiviteiten. Het kost nogal wat tijd om de moskee te traceren. Buiten staan twee oude vrouwtjes die tegen klinkende munt graag bereid zijn om de fietsen te bewaken. Hoewel nergens wordt gerept van entreegeld worden we toch op het moskeeterrein benaderd door een dame met indrukwekkende entreebiljetten in haar hand.
De moskee zelf is afgesloten voor bezoekers vreemd genoeg. Alleen toegankelijk voor gebed. Vreemd dat je dan toch entree moet betalen zou je zeggen.
Hier wat webadressen om een indruk te krijgen van het interieur:
http://www.travelchinaguide.com/attraction/beijing/niujie.htm
http://www.chinats.com/beijing/attr201.htm
http://english.peopledaily.com.cn/200301/03/eng20030103_109522.shtml
Nadat we een leuke antiekmarkt hebben aangedaan vervolgen we onze fietstocht naar de laatste plek die we vandaag willen bezoeken: de Tempel van de Hemelse Rust (Tianning Si). Van de tempel, waarvan wordt gezegd dat het het oudste gebouw in Beijing is, resteert nog enkel de 58 meter hoge pagode. Het stamt uit de 12e eeuw. Naast de pagode is een hoge schoorsteen gebouwd, we vragen ons af hoe dit door de 'schoonheidscommissie' is gekomen. De pagode is afgesloten. In de buurt van de pagode ontdekken we nog een gezellige binnenmarkt. Inmiddels zijn mijn voeten dermate doorgelopen dat het een goed idee lijkt om de terugweg naar het hotel te aanvaarden. Het is inmiddels donker geworden, en we zijn enigszins de route kwijt. Maar na bestudering van de omgeving blijkt dat we toch vrij dichtbij het hotel zijn. Na een uurtje rust besluiten we iets te gaan eten in de buurt van ons hotel. We komen terecht bij een fondue restaurant. Het lamsvlees en de groente worden kort in de kokende bouillon gehouden, in een sojasausje gedoopt en vervolgens opgegeten. Rond half tien zijn we weer terug in het hotel, voor een welverdiende rust.
Maandag 22 december 2003
[fiets, via ingang Tian'anmen naar Verboden Stad/ Paleismuseum, Jingshan Park, bus naar Bell Tower, Drum Tower, wandeling Hutong, bus naar Tian'anmen, fiets naar hotel, met Zengyi naar restaurant nabij Liulichang]
De Bell-boys zijn graag bereid om ons ook vandaag weer fietsen te verhuren. Rond 10.00 uur stappen we dus welgemoed op onze chinese carossen, en fietsen richting Tian'anmen. We dachten aanvankelijk dat de brede boulevard langs het plein niet toegankelijk was voor fietsen, maar we vergissen ons. Het moet één van de breedste fietspaden ter wereld zijn. Mijn schatting is dat er zo'n vijftig fietsen naast elkaar kunnen rijden hier. Links van de ingang van het complex van de verboden stad, oftewel met de officiële naam 'Paleis Museum' aangeduid (Gugong), is een fietsenstalling. De vervoeging van het werkwoord snaaien is snaaien, snaaide, gesnaaid. Het derde overkomt ons als een hardnekkige parkeerwachter ons de voor Beijing enorme soms van 15 Yuan aftroggelt om onze fietsen hier te mogen stallen. Veel parkeerwachten zijn voorzien van een semi militair uniform. Misschien dat de Chinese regering het Defensie-budget wat opkrikt door dit soort sujetten toeristen te pakken laten nemen.
Vanaf het Plein van de Hemelse Vrede kom je het complex binnen via de Tian'anmen poort (zie eerste foto). Via een lange corridor kom je bij de zuidelijke ingang van het complex. De Meridiaanpoort, oftewel Wumen. Hier een klein overzichtskaartje van het complex.

En zo ziet het complex eruit van boven bezien, vanuit een soort totaalperspectief:

De oppervlakte is enorm. Het is het grootste paleiscomplex ter wereld. Ook voor wat betreft het aantal kamers kun je in superlatieven spreken: 9999 De verboden stad, sinds 1421 de residentie van de Chinese keizers is een plek van mythische proporties. Talloze boeken zijn erover geschreven. En Bertolucci's 'Last Emperor' heeft het mystieke/mysterieuze alleen maar versterkt. Het paleis is gebouw onder de Mingkeizer Yongle, van 1406 tot 1420. Er schijnen ongeveer 200.000 bouwarbeiders bij betrokken te zijn geweest.
Ik wil op deze plek niet te veel uitwijden over de geschiedenis van het gebouwencomplex, en de verhalen die over zijn bewoners zijn geschreven. In de literatuurlijst zijn enige lezenswaardige titels opgenomen. En de weblinks die opgenomen zijn bieden eveneens een schat aan informatie. In één van de reisgidsen Insight Guide Beijing vond ik een sprekend stukje over het leven van de keizers in de 'Verboden Stad': 'From the first, a Chinese emperor was a slave to a system built around the cult of his divine personality. His life, and the lives of his empress and concubines, were effectively not their own. From the moment they rose to the moment they went to sleep - and even while they slept - they were kept under scrutiny by attendant eunuchs, so that they never experienced any real privacy ...'
Enige websites over het Paleis Museum:
De 'officiële' website van de Verboden Stad.
Uitgebreide website van 'Beijing trip'
Een bezoek aan de Verboden Stad is - mede door de grote afmetingen en oppervlakte - vermoeiend. Een bezoek aan het park tegenover de noordelijke uitgang van het Paleis Museum is dan ook een verademing. Het Jingshan park ('Kolenheuvel') is aangelegd op bevel van Yongle. De aanleg past goed binnen de Feng Shui filosofie. De heuvel 'beschermt' namelijk het paleiscomplex tegen boze invloeden vanuit het noorden. Tot 1928 maakte de heuvel deel uit van het (ontoegankelijke) paleizencomplex, en diende hij dus enkel voor het vermaak van de bewoners van het paleis. Vanaf het Paviljoen van de Eeuwige Lente (Wanchungting) heb je een prachtig uitzicht over de stad. Bij helder weer heb je er ook een totaalbeeld van het Paleis Museum. In het park bevindt zich nog een bijzonder plekje, namelijk de boom waar keizer Chongzheng (de laatste Ming-keizer) zichzelf verhangen heeft, toen het paleis tijdens een boerenopstand werd bestormd en ingenomen. De boom is overigens tijdens de Culturele Revolutie door de Rode Garde ontworteld en vernietigd. In 1981 is hij vervangen door een andere boom.
Weblinks over het park:
De info op de website van China travel guide.
Een 360 graden beeld vanuit Jingshan park
Veel belangrijke attracties en gebouwen in Beijng bevinden zich op één rechte lijn, een axis, die de stad van het noorden naar het zuiden doorkruist. In het zuiden ligt de Tempel van de Hemel. In het noorden liggen de Klokken-toren en de Drum-toren. (Zhonglou en Gulou). Zowel de klok van de Klokkentoren als de trom van de Drum-toren hadden een belangrijke rituele betekenis. Allereerst gaven ze in een tijd dat nog geen horloges bestonden belangrijke tijdstippen op de dag aan. De 12 grote trommen werden om 19.00 uur gebruikt om het einde van de dag aan te geven, en om het signaal te geven dat de stadspoorten gesloten moesten worden. Of 7 uur 's ochtends werd het begin van de dag 'ingeluid'. De trommels en de klokken hadden een enorm bereik, het geluid kon ongeveer 20 km worden gehoord. In de omgeving van de torens vinden we de best bewaarde Hutongs van de stad. Hutong is de traditionele woonomgeving van de inwoners van de stad buiten de gebouwen van de Verboden Stad. Het zijn grijze straatjes met een labyrinth van rechthoekige erfjes met kleine woningen erop. Beijing is op dit moment één grote bouwplaats. Veel Hutongs zijn de dupe geworden van deze kolossale bouwactiviteit. De nog bestaande worden grotendeels in tact gehouden vanwege mogelijke toeristische belangstelling. Een Hutong in de winter is vaak een troosteloze plek van grijze straten, huisjes. De Hutongs kun je eigenlijk alleen maar goed leren kennen als je je binnen de wirwar van kleine straatjes waagt, die vaak op privé-erfjes uitkomen. In de Hutongs wordt veelal nog met kolen gestookt. Dat draagt ertoe bij dat het leefklimaat er vaak problematisch is in de winter.
Weblinks:
Foto's van Hutongs door Iain Masterton.
Een ander artikel op Chinavista
's Avonds hebben we afgesproken met Zengyi, een Chinees docent filosofie die in 1999 een jaar lang gebruik heeft gemaakt van een gastvrijheidsregeling bij onze afdeling. Ik had hem in 2000 ook al ontmoet, maar toen was hij nog bezig met afstuderen. Inmiddels heeft hij een vaste baan als filosofiedocent bij een technische universiteit in Beijing. We gaan op zoek naar een restaurant en komen uiteindelijk uit bij een gelegenheid in de buurt van de Liulichang, de antiekstraat van Beijing. Het restaurant is overvol, en het menu ziet goed uit. Dat is overigens een probleem in China. Zodra je ook maar een klein eind verwijderd bent van het toeristische centrum wordt je geconfronteerd met menukaarten waar geen letter Engels op te vinden is. En het personeel is in de regel ook niet in staat om ook maar één woord Engels met je te wisselen. Het enige dat je dan kunt doen is aanwijzen wat anderen aan het eten zijn. Of in een visrestaurant een vis in een aquarium aanwijzen die je opgediend wenst te krijgen. Maar dat hoeft allemaal niet vanavond want Zhengyi is erbij. We beginnen met een soort jenever die hier in Beijing met de algemene benaming 'alcohol' wordt aangeduid. Het is je reinste vuurwater, met ongeveer 55 procent alcohol. Dus niet iets voor de nuchtere maag. Zengyi bestelt vervolgens een aantal gerechten, waarvan de Peking Eend de bekendste is. Begeleid door een paar flessen Chinees bier laat het zich goed smaken. We zijn nog getuige van een vluchtpoging van een vis uit een aquarium. Een nerveus meisje van het personeel probeert het arme beest met een aantal gerichte trappen bewusteloos te krijgen. Maar het lukt haar niet. Het duurt ongeveer vijf minuten voor het spartelende beest wordt gevangen en afgevoerd. Verderop zal ik nog wel wat meer vertellen over de Chinese Keuken zoals die zich in Beijing aandient. Rond tien uur 's avonds verlaten we het restaurant en splitsen zich onze wegen. Zengyi heeft ongeveer twee uur nodig om met het openbaar vervoer bij zijn apartement te komen dat in het Noordwesten van de stad ligt. Wij lopen terug naar het hotel om aan een welverdiende nachtrust te beginnen.
Dinsdag 23 december 2003
[taxi, Chinese Muur Mutianyu, Ming Graven, graf Wan Li/Dingling, gesnaaid bij restaurant, onvrijwillig bezoek aan Chinese medicijnman, eten in hotel]
Wanneer je geen gebruik maakt van een excursieprogramma zijn er twee manieren op bij de Chinese Muur te komen vanaf het centrum van Beijing: het openbaar vervoer, er gaat een beperkt aantal bussen naar de drie belangrijkste plaatsen waar de Muur bezichtigd kan worden, en op de tweede plaats een taxi, die je dan voor een hele dag huurt. Het tweede is natuurlijk beduidend duurder, maar het gemak dient de mens. We spreken via de bell boys van het hotel met een taxichauffeur een all-in bedrag af van 500 Yuan. Hij zal ons daarvoor naar de Muur brengen bij het plaatsje Mutianyu, en op de terugweg zullen we nog de Minggraven aandoen, eveneens een belangrijke attractie in de omgeving van Beijing.
De Chinese Muur, een bouwwerk van mythische proporties. Eén van de wereldwonderen en met zijn lengte van circa 7200 kilometer inderdaad een fenomenaal bouwwerk dat zijn weerga niet kent. Met de bouw is circa 600 v.Chr. begonnen. De eerste muur schijnt een lengte van circa 500 km te hebben gehad, en er is ongeveer 300 jaar aan gebouwd. Tussen 400 v.Chr en 200 v.Chr. zijn er verschillende stukken gebouwd. Onder de Qin dynastie (200 v.Chr.) is de eerste poging ondernomen om al die stukken aan elkaar vast te maken. Op dat moment is de totale lengte van de muur circa 5000 km. Pas tijdens de Ming dynastie (1368 - 1644) wordt de muur op alle fronten versterkt en uitgebouwd en krijgt het de vorm die we ook nu nog kennen. De bouw van de Muur heeft een enorme inzet van mensen gekost. En er zijn verhalen dat het bouwmateriaal van de muur niet alleen uit stenen bestaat, maar ook voor een deel uit de botten van de miljoenen werkers die tijdens de bouw zijn gesneuveld.
De reden om een muur te bouwen was om het rijk te beschermen tegen invallen vanuit het Noorden. En dat zijn er in de loop van de geschiedenis van China velen geweest.
De plek waar we vandaag naartoe gaan, Mutianyu, was een belangrijke plek van de muur, omdat dit gedeelte de toegang tot zowel de stad Beijing als de Minggraven in het Noordoosten van de stad afschermde tegen kwaadwillende invallen. Dit deel is gebouwd rond het jaar 600, en is vanaf 1986 toegankelijk voor publiek. Het plaatsje ligt circa 70 km ten noordoosten van de stad. Bij dit gedeelte van de muur is niet alleen sprake van een schitterende omgeving en uitzicht. Om de toegang tot de voet van de muur te beschermen zijn hier ook nog verschillende kleinere muren bijgebouwd.
De taxichauffeur zet ons rond half twaalf af op het parkeerterrein bij de ingang van de Muur. We spreken af dat we rond 14.00 uur weer terug zijn. In Mutianyu gaat een kabelbaan naar boven. Dat bespaart ons in ieder geval een wandeling van anderhalf uur. Voor de kabelbaan inclusief de entree zijn we 180 Yuan voor zijn tweeën kwijt. Maar het blijkt een goede keus om van de kabelbaan gebruik te maken. Die zet ons namelijk bijna op het hoogste punt van de toegankelijke muur hier af, zodat we de wandeling op de muur grotendeels dalend kunnen maken. Ook vandaag is het helder zonnig weer, we genieten van het prachtige uitzicht. Nadat we een paar kilometer hebben gewandeld, dalen we lopen af naar de parkeerplaats waar de taxichauffeur op ons wacht. Op naar de volgende attractie.


Op het web is veel informatie te vinden over de Muur. Hier is een kleine selectie.
The Great Wall of China op Travelchinaguide
Het 'Meet the Great Wall' project
De Grote Muur marathon die jaarlijks wordt georganiseerd
Een panoramische blik op een deel van de Muur
Great Wall of China op Beijingtrip
Praktische gegevens over de bereikbaar van de Muur op een Nederlandse site
Je mag aannemen dat gebrek aan talenkennis inderdaad een groot probleem is bij het overgrote deel van de Chinese populatie. Bij taxichauffeurs en andere personen die daar handel of dankzij toeristen hun brood verdienen lijkt soms het taalprobleem een excuus om je allerlei zaken aan te smeren waar je eigenlijk niet van gediend bent. Wanneer we de taxichauffeur vragen om onderweg naar de Ming graven een eenvoudig restaurantje aan te doen knikt hij instemmend. Uiteindelijk komen we ook bij een eenvoudig aandoende horecagelegenheid terecht, die bestaat uit een tiental kleine ruimtes waar ieder gezelschap apart kan eten. Ook wij krijgen een kamer toegewezen. Van de engelse menukaart (oei verdacht, een engelse kaart in zo'n afgelegen plek ...) kies ik een groentesoep en mijn reisgenote een kipgerecht. Vervolgens wordt ons een slakom vrij waterige soep en een complete kip voorgezet. Op de kaart werd al een vrij dure prijs voor deze gerechten van circa 60 Yuan aangekondigd. Maar de rekening bedraagt 215 Yuan. De prijs van de kip op de kaart was blijkbaar die van een ons kip, terwijl ons een kilo werd voorgezet. We zijn zeker dat de chauffeur een fors percentage opstrijkt van het bedrag.
We blijken inmiddels al aardig in de buurt van de Ming graven te zijn aanbeland. In een heuvelgebied op circa 50 km ten noordoosten van Beijing bevinden zich de graven van 13 keizers van Ming dynastie. Van die dertien zijn er twee toegankelijk gemaakt voor het publiek. De graven liggen in het dal en zijn door de omringende bergen afgeschermd van 'boze invloeden'. Het graf van de stichter van de dynastie, Chang Ling, van de keizer Yong Le (Verboden Stad, Tempel van de Hemel etc.) en het Ding Ling graf, van de 13e Ming keizer Zhu Yijun, ook wel Wan Li genaamd. Het eerste is in omvang het grootste grafcomplex, maar de tombe van de keizer is niet bereikbaar. Het tweede is een ondergronds complex, waar de plek waar de oorspronkelijke tombes stonden wel toegankelijk is. Ik heb in 2000 Chang Ling bezocht, en omdat de tijd beperkt is bezoeken we nu Ding Ling. Dit graf is pas in 1956 ontdekt. In en rondom de moeilijk toegankelijke grafkamers werden niet alleen de graven van de keizer met twee keizerinnen ontdekt, maar ook grote schatten en kolossale hoeveelheden zijde en andere kostbare stoffen. Daar is nu niet meer veel van te zien. Slechts de drie nagebouwde kisten, en in de centrale zaal twee marmeren tronen. In geen reisgids wordt een woord vuil gemaakt aan de enorme blunders die zijn gemaakt bij het openen en opgraven van de Ding Ling tombe. Een aantal jaren geleden is in China, ongetwijfeld in het kader van de 'nieuwe openheid' een boekje verschenen over alles wat er goed en fout ging bij het Ding Ling graf, de titel van het boekje is veelzeggen: The Death also Suffer. Zie de literatuurlijst aan het eind van dit reisverhaal.
De omgeving van Ding Ling graf maakt op ons grotere indruk dan het graf zelf. In het ondergronds paleis mogen geen foto's worden gemaakt.

Interessante weblinks:
De Ming Tombs op de Sinohotelguide site
Ming Tombs van Beijing Travell
The Thirteen Tombs of the Ming Emperors op Chinavista
Shi San Ling (de Chinese naam, '13 graven'), op Beijing tripod.com
Onze taxichauffeur blijkt nog meer percentage afspraken te hebben. Wanneer we terug zijn bij de taxi na ons bezoek aan Ding Ling begint de chauffeur een heel verhaal in het Chinees, waarvan we uiteraard geen syllabe verstaan. Ook zijn gesticuleren brengt ons niet meteen op het juiste spoor. Op een gegeven moment menen we een gebaar te ontdekken dat duidt op samen thee drinken. Hoewel de vermoeidheid al aardig heeft toegeslagen, besluiten we toch maar om hem dit plezier te doen. Hij stopt bij een groot gebouwencomplex. Aan de weerszijden van een lange gang hangen allerlei foto's van plaatselijke en internationale beroemdheden die hier op bezoek zijn geweest. Dat zal dus een kostbare theesessie worden. De taxichauffeur spreekt één van de mensen van de bediening aan, die gehuld is in een soort verpleegstersoutfit. Vervolgens worden we een kamer binnengeleid die het midden houdt tussen een wachtkamer en een collegezaal. Na enige minuten komt de mevrouw ons twee kartonnen bekertjes met warm water brengen. De theesessie zal dus zo wel beginnen. Wie schets onze verbazing wanneer we weer enige minuten later een soortement chirurg annex arts binnen zien komen, vergezeld van een verpleegster. De verpleegster blijkt rudimentair Engels te kunnen spreken. Ze vertelt ons dat we het genoegen hebben een consult te krijgen van de beroemde Chinese geneeskundige Tao Ling of iets dergelijks. De medicijnman gaat aan de andere kant van de tafel zitten en verzoekt me op mijn hand uit te steken. Na enig voelen en wat algemene vragen (heeft u wel eens nekpijn als u lang gezeten heeft, hoe zit het met uw rug??) laat hij de verpleegster vertellen dat er verschillende dingen niet pluis zijn met mijn gezondheid. Maar geen probleem, want hij blijkt te handelen in traditionele Chinese medicijnen, en voor een luttele 1000 Yuan kan ik een dosis van één maand ontvangen van een viertal cruciale kruidenmengsels. Ook mijn reisgenote krijgt een vergelijkbare behandeling. Met het smoesje dat we hier natuurlijk nog even over moeten nadenken en dat we ongetwijfeld terugkomen als we een besluit genomen hebben vertrekken we. Zowel de verpleegster als de geneeskundige keuren ons geen blik meer waardig. We keren terug naar de taxi, en als de chauffeur vervolgens weer een heel verhaal begint met allerlei gebaren maken we hem met één woord duidelijk dat we nu echt terug willen: HOTEL!!!!!!
Natuurlijk is dit een exotische ervaring waar je met enige humor op kunt terug kijken. Anderzijds ... Het is de keerzijde van een gebrekkige talenkennis. En er getuigt ook een zekere minachting uit van de autochtone bevolking tegenover toeristen. Men lijkt soms enkel dollartekens in de ogen van toeristen te bespeuren.
De terugreis neemt iets langer in beslag omdat we in een aantal files terechtkomen. Het spitsuur in Beijing duurt van 15.30 uur - 19.00 uur. Je komt dus nog wel eens vast te zitten in de overvolle straten. Uiteindelijk worden we rond zeven uur afgeleverd bij het hotel. Na een rustpauze van anderhalf uur besluiten we een hapje in het hotel te eten. We laten een eenvoudige Nasi-schotel en salade van de chef door de roomservice op onze kamer brengen.
Mijn nachtrust in het hotel is niet echt goed. De matrassen zijn keihard. Ik slaap dus onrustig. En een paar nachten onrustige slaap begint zo langzamerhand zijn tol te eisen. Ik besluit dus morgen maar een rustdag te nemen.
Woensdag 24 december 2003
[rustdag, niksen, lezen, kort bezoekje aan de Merry Mart, voetmassage]
Het perspectief van een dag niets te hoeven doen brengt vanzelf al enige rust. Na vier drukke, vermoeiende dagen met tal van indrukken is het van belang weer even tot jezelf te komen. Mijn reisgenote besluit om er een inkoopdag van te maken. Ik houd me grotendeels in het hotel. Eén van de redenen is overigens hardnekkige problemen met mijn voeten, die symptomen van kneuzing vertonen. Beijing is een fascinerende stad. Dat had ik natuurlijk tijdens mijn eerste bezoek hier ook al ervaren. Maar nu we wat meer tijd hebben en zelf ons plan kunnen trekken om de stad te verkennen doet zich dat nog meer voelen. Het is een stad van enorme contrasten. Het moderne stadscentrum enerzijds met de Wan Fujing, de Beijing-variant van de Kalverstraat. Met dure boetiekjes, Western-style mega-supermarkten en even daarbuiten oude straten met kleine huisjes, de Hutongs, die uit een andere tijd lijken te stammen. Enerzijds de heftig hektiek van het stadsverkeer, die wirwar van fietsers, taxi's, bussen ... En in contrast daarmee de parken die een sfeer van rust uitstralen, met - veelal oudere - mensen die bewegingsoefeningen doen, Tai Chi etc. Wat een groot probleem blijft van een individueel georganiseerd bezoek is de taal. Ik heb daar al eerder over geschreven. Je krijgt geen contact met de mensen. Ervaringen kunnen niet in gesprekken worden getoetst. Je loopt als enige westerling door veel straten, en ook een fietsende westerling in de straten van Beijing is bijzonderheid. Want alle dagen dat we hier gefietst hebben: geen westerse medefietser gezien.
Naast de taal zijn er nog meer dingen die voor afstand zorgen. Chinezen hebben een soort vormelijkheid over zich, die afstand creëert. Ik heb dat al diverse keren gemerkt in de gesprekken met Zengyi. Het is moeilijk om persoonlijk te worden, ook persoonlijke vragen worden afstandelijk beantwoord. Je vraagt je soms af wat de diepere oorzaken zijn van de afstandelijkheid. Heeft het iets te maken met de cultuur, met de geschiedenis, met het politiek systeem?
Wanneer je de Muur ziet, archeologische vondsten, kunstobjecten van eeuwen voor Chr., dan kun je niet anders dan onder de indruk zijn. Toen in onze contreien zich nog weinig verheffends afspeelde waren hier al 300.000 mensen bezig met het opbouwen van het meest indrukwekkende bouwwerk dat de aarde kent.
Maar als je vanuit het glorieuze verleden naar de recente geschiedenis overgaat, de bittere tijden van de Culturele Revolutie bijvoorbeeld (30 miljoen doden door hongersnood, de complete annihilatie van de maatschappelijke bovenlaag), en nog recenter de problemen met SARS. Problemen die er toe leidden dat de toeristenindustrie voor een groot deel is ingestort ... Dan moet je vaststellen dat het de Chinezen ook niet echt mee zit. Maar ... in contrast daarmee weer de hoogste economische groei die je je kunt voorstellen, Afgelopen jaar een groei van 13 procent.
Ik gebruik het niksen met name voor het verwerken van de ervaringen van de afgelopen dagen en natuurlijk om mijn voeten wat tot rust te laten komen. Tegenover ons hotel ligt de Merry Mart, een grote supermarkt. De rode onderbroeken zijn in de aanbieding. Dat loopt ongetwijfeld vooruit op het Chinese Nieuwjaar dat op 22 januari wordt gevierd. De kleur rood is van symbolische waarde (niet alleen vanwege het Rode Boekje van Mao), het is de kleur van voorspoed, hoop en gezondheid. Voor 18 Yuan kan ik twee doosjes met rode onderbroeken aanschaffen, ik hoop dat ze mij hetzelfde brengen als wat er hier van wordt verwacht.
Op het nachtkastje heb ik een overzicht gevonden van de diensten van de 'Health Spa' van ons hotel. Diverse vormen van massages hebben ze in de aanbieding. Voor mij komt uiteraard het meest de voetmassage in aanmerking. Ik vervoeg me dus naar de 2e étage. Ik mag plaatsnemen in een makkelijke stoel. Mijn schoenen en sokken moeten uit, en vervolgens krijg ik eerst een soortement kruidenbad. Tegenover de stoel staat een televisietoestel. De masseur, op haar naamkaartje zie ik dat ze een stagiaire is, ik schat haar op 18 jaar, zet het tv-toestel met de afstandbediening op het enige Engelstalige kanaal dat ze hier in het hotel hebben. CNN ontvangen ze niet. Dat is vreemd. Wel 9 plaatselijke kanalen (BTV 1 t/m 9) en 18 landelijke kanalen (CTV 1 t/m 18).
De voetmassage houdt het midden tussen karate, kickboxen, flink doorkneden en af en toe wat massage-olie op de voeten en onderbeen. Af en toe moet ik op mijn tanden bijten. De masseuse kijkt verwonderd op als ik een paar keer een kreun niet kan onderdrukken. De massage duurt drie kwartier. Het effect is in ieder geval dat het met de doorbloeding weer een stuk beter gaat.
Na de massage spoed ik me nog even naar het Business Centre. Daar staan een paar pc's met internetmogelijkheden. De kosten bedragen 1 Yuan per minuut (10 eurocent). Dat is toch weer het grappige van 'modern-times': de mogelijkheid om regelmatig contact te hebben met het thuisfront. Mijn zus is druk bezig met de voorbereidingen van het kerstfeest. Hier in Beijing merk je er nauwelijks iets van. Het wordt in ieder geval niet gevierd. In sommige warenhuizen is er (ongetwijfeld met het oog op het westerse publiek) een kerstman ingehuurd en zijn er wat dennentakjes ter versiering aangebracht. Maar dat is het dan ook.
Rond 7 uur komt mijn reisgenote weer thuis. Ze is zo moe dat ze meteen op bed duikt. Rond half tien maak ik haar wakker. We besluiten een hapje in het hotel te eten. Het westers restaurant van het hotel blijkt voor schappelijke prijzen een keur aan Franse, Italiaanse, Russische en andersoortige gerechten te leveren. Ik neem een Borsjt (rode bieten soep) en een gerecht van rundvlees en champignons, overbakken met een kaassaus. Mijn reisgenote heeft een salade en 'king prawns' gekozen, vergezeld van een Marguerita. Het eten is lekker, maar ook heel zwaar. Dus met een volle buik begeven we ons ten ruste.
Donderdag 25 december 2003
[taxi Ritan park, Zonnetempel, markt, Beijing Friendship Store, koffie bij MacDonalds, Beijing Railway Station, taxi naar markt bij Tiantan Park]
Eerste kerstdag, daar valt niet veel van te merken in Beijing. Eigenlijk helemaal niks. Er zijn wel een paar kerken in de stad, maar zelfs daar valt niet veel te beleven. Vandaag hebben we de 'deelraad' Chongwen op het oog. We beginnen met een bezoek aan het Park van de Zon (Ritan Gongyuan) en van daaruit willen we rustig lopend wat markten aandoen. Het centraal station van Beijing bezoeken en misschien aan het eind van de dag nog een bezoekje aan de markt in de Tiantan Lu.
We nemen een taxi naar het Ritan Park, omdat de Bell boys zo vriendelijk zijn om de bestemming in Chinese lettertekens op een briefje te schrijven verloopt dat heel voorspoedig. We worden afgezet bij de hoofdingang van het park van het Zonne-altaar. Eén van de negen belangrijke plekken in de stad waar de keizer jaarlijks offergaven bracht en rituelen werden uitgevoerd om de hogere machten gunstig te stemmen. Dit park is er één van serene rust. Op verschillende plekken in het park zijn kleine pagodes geplaatst van waaruit je een prachtig uitzicht hebt over grote delen van de stad.
Bij de rijk gedecoreerde muur zien we twee oudere mensen hun dagelijks Tai Chi oefeningen doen. Dit park is bekend om de vele Beijing-inwoners die hier (meestal heel vroeg, rond zes uur 's ochtends) hun lichamelijke oefeningen komen doen. Op het moment dat wij er arriveren zien we wel nog veel groepjes bezig met kaartspel of gewoon gezellig bij elkaar zitten. Er staat een guur windje (wanneer in Beijing de wind opsteekt in wintertijd wordt het plotseling veel kouder, de temperatuur komt vandaag niet veel hoger dan het vriespunt). Maar in de schaduw van de muren die rond het altaar liggen is het toch nog behaaglijk.
We verlaten het park in het noorden en we zouden eigenlijk meteen bij een bekende kledingmarkt uit moeten komen. Maar het enige dat we zien is veel ambassadegebouwen, waarbij met name de Engelse en Amerikaanse ambassade opvallen door de grote hekken die eromheen zijn geplaatst. Veel gebouwen zijn hermetisch afgesloten en worden streng bewaakt. Onze Dumont gids die tot op dit moment een betrouwbare leidraad vormt voor alles wat we in de stad bezoeken laat ons op dit moment een beetje in de steek. Er is in geen velden of wegen een markt te bekennen. Pas als we na een stevige wandeling bij de Jianguomennei boulevard komen blijkt er een ingang te zijn tot de kledingmarkt. Waarschijnlijk zijn veel straten afgezet in verband met de bewaking van de ambassadegebouwen, vandaar dat we pas hier een ingang ontdekken. Naast kleding worden veel lederwaren verkocht, van alle bekende merken, Gucchi, Boss, Cosset etc.etc. En dan de talrijke Rolex-horloges die in alle uitvoeringen worden aangeboden. We zijn nog op zoek naar wat presentjes voor het thuisfront. We hebben ons oog laten vallen op wat portemonnees. Hoewel ze er schitterend uitzien achten we de vraagprijs (2500 Yuan voor vier stuks = 250 €) toch wel aan de grove kant. Na lange onderhandelingen komen we uit op 600 Yuan voor de vier. Volgens mij nog niet de bodemprijs, maar het moet leuk blijven zullen we maar zeggen, ook voor de verkopers. Er zijn weinig toeristen in Beijing. Door de SARS berichtgeving heeft Japan een negatief reisadvies voor heel China afgegeven. Dat is een forse tegenvaller voor met name Beijing. Want de stad wordt normaal door veel Japanners gefrequenteerd. Ik heb eerder in het verslag al gezegd dat je weinig westerlingen ziet in de stad. Zelfs hier, midden in het ambassade kwartier, en één van de belangrijkste markten van Beijing, zijn de buitenlanders op de vinger van één hand te tellen.
We lopen de Jianguomennei boulevard een eind af en komen bij de Beijing Friendship store. Een kolossaal warenhuis met een groot aanbod op veel fronten. De Friendship store is eigendom van de staat. De prijzen zijn fixed, ze liggen dus een stuk hoger dan op de markten en warenhuizen in de buitenwijken. Op de zijde afdeling ontdek ik een zwarte zijden pijama die is afgeprijs. Hij ziet er eigenlijk prachtig uit. Maar waarschijnlijk is het niet mijn maat (large, maar de Chinese large is een andere large dan onze Nederlandse large). Maar voor 9 euro kan ik het niet laten liggen, het is in ieder geval een leuk cadeautje. Schuin tegenover de friendship store ligt een compleet nieuw luxe warenhuis. Bij navraag vernemen we dat op de bovenverdieping een restaurantje is. En warempel treffen we er een Japans restaurantje aan, waar je voor schappelijke prijzen een maal kunt nuttigen. Ik neem een soep met rundvlees. Mijn reisgenote neemt een noedelgerecht. De 8 yuan die je voor een Japans biertje moet neertellen zijn ook alleszins redelijk te noemen. Nadat we onze honger hebben gestild gaan we op zoek naar een plek om een kopje koffie te drinken. Bij gebrek aan beter vervoegen we ons naar een MacDonalds. Wel niet één van de meest sfeervolle gelegenheden, maar nogmaals, bij gebrek aan beter ... En de koffie is er in iedere geval veel voordeliger als bij Starbucks, de koffieketen die uit Amerika is komen overwaaien. Er zijn inmiddels een zestal Starbucks in de stad. De specialiteiten koffie's kosten er rond de 25 Yuan (een kapitaal voor de meeste Chinezen). De dagkoffie kun je er nuttigen voor 16 Yuan. We vervolgen onze wandeling, en na een half uurtje bereiken we het Centraal Station van Beijing.
In de reisgids staat het station als een leuke bezienswaardigheid vermeld. Er komen dagelijks rond de 300.000 mensen met de trein de stad binnen. Vaak komen ze van ver, met hebben en houden. Mensen die de armoede van het platteland ontvluchten, en hun heil en fortuin komen zoeken in de grote stad. De meeste van hen komen terecht bij de vele bouwprojecten van de stad. Daar is op dit moment voor laag opgeleide mannen het meeste werk te vinden. De lonen zijn laag. Maar dat is niet alleen in de bouw zo. Eén van de belangrijkste redenen van de enorme economische groei van China is waarschijnlijk wel dat het een lage lonen land is. Bij de productie van goederen zijn de loonkosten vaak minimaal. In het station lopen we door een aantal grote hallen. Maar veel fascinerende taferelen zien we er niet. Nadat we drie kwartier hebben rondgelopen ontdekken we dat we eigenlijk op het verkeerde gedeelte terecht zijn gekomen. Dit is het vertrekgedeelte van het station. De aankomsthal ligt in een ander gebouw. Maar inmiddels zijn we al zo lang aan het rondbanjeren dat er bij mijn reisgenote weinig animo meer bestaat om nog weer een net zo lange wandeling door het aankomstgebouw te maken. We besluiten dus om een taxi te nemen die ons naar de laatste bestemming van vandaag zal brengen: de Tiantan Lu markt.
Het is weer een heel gedoe om de taxichauffeur duidelijk te maken waar we naar toe willen. De plattegrond werkt niet, de naam van het park werkt niet. En we blijven in het ongewisse of we wel naar de juiste plek zullen worden vervoerd. Nu is het zo dat zelfs als een taxichauffeur je via een forse omweg naar de bestemming brengt, de schade altijd nog wel beperkt blijft. Taxi's in de stad zijn namelijk heel goedkoop. Voor 2 euro rij je al ongeveer de halve stad rond. Het enige is dat het je soms onnodig veel tijd kost om van de ene plek naar de andere te rijden. Maar na al het geloop is een taxirit die wat langer duurt dan ie zou moeten duren wel welkom. Uiteindelijk komt we dan toch bij de binnenmarkt uit. In de kelderverdieping wordt vis en schelpdieren verkocht. Ik heb zelden zo veel krabben gezien als hier. Duizenden en nog eens duizenden. Op de overige verdiepingen worden sieraden, stoffen, antiekwaren en elektronische producten aangeboden. Beijing is bekend om zijn goedkope parels. Deze markt is één van de belangrijkste verkooppunten. We lopen er een uurtje rond. Het is inmiddels 16.00 uur. Tijd om weer terug te gaan naar het hotel en ons even te verfrissen en te rusten.
Ik besluit nog een tweede maal naar de massage afdeling van het hotel te gaan. De voetmassage afdeling blijkt gesloten. Maar de Thaise Massage blijkt ook geëquipeerd om me een voetmassage te geven. Ik wordt naar een huiskamerachtige ruimte geleid waar ik in een pluche zetel mag plaatsnemen. Na korte tijd komt een jonge dame binnen die me even in verwarring brengt of ik hier wel goed zit voor een voetmassage. Haar minirokje is dermate mini dat ze zelfs in het goed verwarmde klimaatsysteem van het hotel het niet altijd even warm zal hebben. Haar schoeisel (pumps met extreem hoge hakken) doet me denken aan een andere dienstverlening dan de gezondheidszorg. En van haar bloesje zijn de bovenste 8 knoopjes open. Ik heb mijn portemonnee op mijn kamer gelaten, in de vooronderstelling dat ik met 100 Yuan ruim voldoende bij me heb voor de voetmassage die 90 Yuan kost. Maar nu weet het ik het niet meer.
Hoewel de outfit anders suggereert blijkt de dame in kwestie zeer bedreven in het masseren van voeten. Dit keer een combinatie van Shiatsu, karate, kickboksen en knijpen met lange nagels. Mijn voeten krijgen een optimale behandeling die de doorbloeding zeker goed zal doen. Maar ze gaat niet zachtzinnig te werk. Je vraagt je soms af of men hier de frustraties over de lage lonen afreageert met een harde aanpak van de voeten van de toerist. Hoe het ook zij, ik loop toch weer wat makkelijker na de massage. En ik blijk nog voldoende geld bij me te hebben ook. Het uitzicht heb ik er blijkbaar gratis bijgekregen.
's Avonds gaan we nog een keer eten bij het restaurant waar we ook met Zengyi zijn geweest. Het is er opnieuw hartstikke druk. Maar er komt toch vrij snel een tafeltje beschikbaar. Achter ons zit een familie te eten die uit Taiwan afkomstig is. De pater familias (die zich bepaald ook als zodanig gedraagt gedurende zijn verblijf in het restaurant) blijkt goed engels te kunnen spreken. Het is uitzonderlijk om in een restaurant ook nog met één van de disgenoten te kunnen communiceren. China heeft zoals bekend een ambivalente verhouding met Taiwan. Maar Taiwanees geld is hier natuurlijk net zo welkom als geld dat van toeristen of van de plaatselijke bevolking afkomstig is. Ik kies vanavond een vis uit het aquarium, en daarnaast nog wat groente en vleesgerechten. Het is weer een omineus maal. En vergezeld van een Beijing biertje valt het allemaal wonderbaarlijk goed. Rond 10.00 uur gaan we hotelwaarts. Ik heb gisteren al mijn spulletjes provisorisch gepakt. En mijn reisgenote doet hetzelfde, zodat we morgen niet al te laat kunnen vertrekken richting volgende bestemming: het Fragrant Hills hotel in de westelijke bergen.
Enige weblinks:
http://members.monarch.net/payne/China/ritanpark/rtian.htm
http://www.david-jane.com/china/beijing/2002_photos/ritan/Alter.html
http://search.csmonitor.com/durable/2000/12/04/fp1s3-csm.shtml (dansen in het Ritan Park)
http://www.frommers.com/destinations/moreattract.cfm?a_id=19171 (korte beschrijving Ritan Park in Frommers)
http://www.csmonitor.com/2003/0707/p06s01-woap.html (de sluiting van de Friendship Store)
http://www.themightywizard.com/Zhouxian3451991/photostory/FriendshipStore1stSight.htm (een fotoverhaal over de Friendship Store)
http://www.azagel.com/crail.html (een website over treinen, metro's en openbaar vervoer in China)
http://www.railwaysofchina.com/site_map.htm (idem)
http://www.beijingtraveltips.com/tips/tip%20taxi%201/taxi_tips_1.htm (taxi in Beijing)
http://www.cbw.com/btm/issue53/taxi.html (idem)
http://www.saturdaymarket.com/chinaveg/chap12p3.htm (de binnenmarkt bij het Tiantan park)
Vrijdag 26 december 2003
[taxi naar Fragrant Hills park, hotel, wandeling door park, lunch]

De KRAS-reis was inclusief zes overnachtingen in het Qianmen hotel. Vanaf vandaag moesten we dus wat anders zoeken. Om de reis niet al te veel te belasten met zoektochten naar geschikte hotels heb ik twee hotels via internet geboekt. Vandaag gaan we op weg naar een wel heel speciaal hotel, het Xiangshan Hotel (Fragrant Hills = Welriekende heuvels). Het is een uur rijden van het centrum, gelegen in de buurt van het Zomerpaleis, noord-westen dus. Door de aangename temperatuur in de hete zomer en de prachtige omgeving is het een geliefd uitstapje voor de bewoners van de stad. Dat hadden de keizers vanzelfsprekend ook al in de gaten. Met name de Ming keizers hebben er hun eigen buiten van gemaakt. Het schijnt dat keizer Kangxi zo'n 300 jaar geleden hier nog op tijgers heeft gejaagd. Later heeft Qianlong er een landschapspark van gemaakt. Zoals veel gebouwencomplexen van Beijing hebben de geallieerde strijdkrachten in 1860 hier onaangenaam huis gehouden. De paviljoens werden grotendeels verwoest. Die verwoesting is in 1900 nog eens herhaald. Een deel van de paviljoens en tempels is herbouwd. In 1957 is het park opengesteld voor het publiek, het park heet nu officieel 'Het park van de rust en het plezier'. Van het een is in het weekend veel, van het ander heel weinig te merken.
We nemen een taxi vanaf ons hotel, en die zorgt ervoor dat we anderhalf uur later netjes voor de hotelingang worden afgezet. Het hotel ligt overigens op een heuvel, en is via een smal straatje bereikbaar. Voor taxi's niet de makkelijkste toegang, want onze taxichauffeur verrijdt zich twee maal voor hij uiteindelijk bij het hotel terecht komt.
Ik denk dat ons hotel buiten China beroemder is dan in China zelf. Want het schaarse engelssprekende hotelpersoneel dat we hierover aanspreken raakt nauwelijks onder de indruk wanneer we de wereldberoemde architect aanhalen. I.M. Pei geboren in Canton (1917) is op zijn 18e naar Amerika geëmigreerd en heeft architectuur in MIT en Harvard gestudeerd. Zijn gebouwen vallen vooral op door de vormen en materialen. Beton, glas en staal zijn de belangrijkste materialen. De vormen zijn vaak abstract. In Europa is hij vooral bekend geworden door de Pyramide die eind jaren 80 bij het Louvre is aangebouwd en die de nieuwe ingang van het Louvre complex is gaan vormen. In Amerika staan veel bekende gebouwen van Pei.
Via de volgende links zijn wat voorbeelden daarvan te vinden:
http://www.greatbuildings.com/architects/I._M._Pei.html
http://www.bc.edu/bc_org/avp/cas/fnart/fa267/pei.html
http://www.gluckman.com/Pei.htm (een interessant artikel over de uitnodiging aan de zoon van Pei om in het hedendaagse Beijing een aantal gebouwen te ontwerpen)
http://architecture.about.com/cs/ieohmingpei/ (info met een aantal links naar interessante achtergrond informatie over de architectuurstijl van Pei)
We maken een korte wandeling door een deel van het park, en lopen vervolgens omlaag het dorpje in, om te kijken wat de pot schaft in de buurt van het park. In eerste instantie ontdekken we enkel een aantal restaurantjes die druk bezet zijn, we besluiten er één van te kiezen. Uiteraard weer geen Engelstalige kaart. We moeten ons dus weer behelpen met het wijzen naar gerechten die op andere tafels staan. De keuze stelt het personeel niet tevreden, want we worden ongeveer 5 minuten in het chinees toegesproken, en ook de handgebaren leveren enkel duistere informatie op. Uiteindelijk blijkt dat we wel een aantal gerechten, maar geen rijst of noedels hebben besteld. Nou is de scherpe kipvleesschotel en de gevulde rundvleessoep ook al ruim voldoende om de honger te stillen. Dus een ramp is het niet.
Na het eten lopen we weer langzaam terug naar het hotel. Onderweg doen we nog een aantal winkeltjes aan. Met wat blikjes bier en een fles ongedefinieerde sterke drank (maar wel mooie verpakking) komen we uiteindelijk bij het hotel aan. Mijn reisgenote gaat nog informeren hoe het zit met de sportfaciliteiten in het hotel. Er lijkt een zwembad en een sauna te zijn. We spreken af dat we daar morgen ruim gebruik van zullen gaan maken. Inmiddels is het eigenlijk al weer etenstijd. En donker. De temperatuur is aardig gedaald, maar dat heeft waarschijnlijk ook te maken dat we hier in de heuvels zitten. Eigenlijk hebben we beide geen zin in een volledige maaltijd. Dus we besluiten de proviant die ons nog rest (walnoten en een assortiment gedroogde appeltjes) aan te spreken. Het flesje sterke drank dat we hebben aangeschaft blijkt een chemisch bijsmaakje te hebben, dat we niet goed kunnen duiden. Naar enkele slokjes laten we het dus maar voor wat het is. We zijn morgen van plan om het Park en de tempels te bezoeken, eventueel ook nog de botanische tuin. Dan is het prettig dat je uitgeslapen bent. Dus we gaan niet al te laat bedwaarts. Weer zo'n houten plank achtig bed overigens. Dat belooft niet veel goeds ...
Zaterdag 27 december 2003
[Biyunsi/Klooster van de Azuurblauwe wolken, Botanische Tuin, Wofo Si, Tempel van de Liggende Boeddha, pasta restaurantje]
Na een onrustige nacht douchen we ons op ons gemak, drinken een kopje oploskoffie waarvan we een paar doosjes uit Nederland hebben meegenomen (onze voorraad begint aardig op te raken), en lopen rond kwart over negen rustig richting ontbijtzaal. Helaas blijkt dat te laat. Want het ontbijt wordt hier tussen 7 en 9 geserveerd. Er is een kleine coffeeshop waar we een soort ontbijt kunnen samenstellen à la cart. Het is een alternatief natuurlijk en op zichzelf ook lekker rustig. Alleen betalen we in plaats van 27 Yuan per persoon ongeveer 100 Yuan voor de paar gerechten die ons worden geserveerd. Bacon and Eggs is hier overigens geen goede keus, want in plaats van ham krijgen we een soort corned beef voorgezet bij de eieren. Morgen dus maar wat vroeger opstaan, dat is de les .. Rond tien uur beginnen we aan onze wandeling door het park. We besluiten eerst richting noordelijke ingang te gaan om het Biyunsi complex (Temple of the Azure Clouds) te bezoeken.

Het tempelcomplex blijkt alleszins de moeite van een bezoek waard. Niet in het minst vanwege het schitterende zonnige weer dat ook vandaag weer ons deel is. De tempel zelf is ongeveer 600 jaar oud, en bestaat uit vier grote hallen, waarvan één bestaat uit de 'Memoriaal' van Sun Yat Sen, Chinees eerste president (1862-1925). Hij is op deze plek overleden en is hier ook een aantal dagen opgebaard. In 1925 bestonden er goede relaties tussen China en de Sowjet Unie. Toen het bericht van overlijden Moskou bereikte werd een stalen/zilveren lijkkist opgestuurd om Sun Yat Sen in te begraven. De kist kwam twee maken na de begrafenis aan. Is dus nooit gebruikt, maar hij wordt hier wel tentoongesteld.
Het indrukwekkendste deel van het tempelcomplex is wel de stupa die boven op de heuvel is gebouwd. Het gebouw wordt de Diamanttroon stupa genoemd. Naast de stupa is er op het terrein van de tempel nog de Hal van de Arhats. Je weet eigenlijk niet wat je ziet als je dit gebouw betreedt. Aan weerszijden van lange gangen zijn in totaal 500 hout gesneden boeddha beelden opgesteld. Arhats (Luohan) zijn van oorsprong leerlingen van Boeddha die door ascese en meditatie verlichting zochten en vonden.
Op het net verschillende interessante websites over het park en het kloostercomplex:
http://www.bj-xiangshan.com/doce/ms_12.htm (de Homepage van het tempelcomplex)
http://www.orientalarchitecture.com/beijing/fragrantparkindex.htm
http://www.travelchinaguide.com/attraction/beijing/fragrant.htm
http://www.china.org.cn/english/features/beijing/30957.htm
http://www.schwarzaufweiss.de/peking/azurwolken.htm
http://world.std.com/~jegan/cmm008.htm (een verhaal over de 500 Arhats)
Nadat we twee uur hebben genoten van het park en het schitterende uitzicht besluiten we dat onze wegen zich vanmiddag zullen splitsen. Mijn reisgenote wil graag de wandeling maken naar de top van de berg. Volgens de reisgids is dat een wandeling van ongeveer een uur. Mij lijkt het leuker om een kort bezoek te brengen aan de Botanische Tuin van Beijing die op niet al te lange afstand schijnt te liggen. Er rijden diverse bussen naar toe. In de tuin bevindt zich nog de tempel met de beroemde Wofo Si, de rustende boeddha. Nu ik daar toch zo vlak bij ben wil ik me dit niet laten ontgaan. Daar komt nog bij dat een wandeling door een botanische tuin me ook wel aantrekt. Ik wandel omlaag naar de dorpskern en na enig zoeken kom ik bij het grote busstation terecht. Op de bussen enkel Chinese tekens of het eindstation van de bus, waar ik natuurlijk ook niet veel mee opschiet. Er is een klein kantoortje bij het busstation, maar de vijf medewerkers reageren met schouderophalen als ik Wofo Si noem. En ook het aanwijzen op de kaart levert niks op. Ook bij diverse passanten boek ik wat dit betreft geen succes. Uiteindelijk komt een studentikoos uitziend iemand op me af en wijst me op een bus die zo gaat vertrekken. Als ik daar in stap en Wofo Si noem, stuurt de conductrice mij weer naar een andere bus. Uiteindelijk is het dus gelukt, de bus vertrekt en ik betaal de Yuan voor het buskaartje. Terwijl ik van haar het kaartje krijg aangereikt stopt de bus, en de conductrice wijst naar de overkant van de straat en zegt 'Wofo Si'. 400 Meter dus. Nou daar was ik al lang geweest als ik de vage aanduidingen in mijn reisgids dat de botanische tuin in de buurt van het Park ligt wat serieuzer had genomen.
Ik loop voor 5 Yuan een toegangskaartje voor de tuinen en volg de pijlen die richting Wofo Si wijzen. Het park is groot en ziet er ook best mooi uit, alleen is er weinig botanisch aan in deze wintertijd. Dit lijkt me meer iets voor een bezoek in de lente, zomer of herfst. Uiteindelijk bereik ik na een wandeling van een half uur het tempelcomplex van de rustende boeddha. Het complex blijkt in verbouwing, maar via enkele afrasteringen en omleidingen kom ik toch nog bij de ruimte waar je een blik kunt werpen op het indrukwekkende beeld. Het beeld is 5 meter lang en weegt ongeveer 55 ton. De eerste versie van het beeld stamt uit de 7e eeuw ten tijde van de Tang dynastie. Dit schijnt de derde versie van het beeld te zijn want in 1321 werd er nog een nieuwe versie van koper voor in de plaats gezet. Waar die gebleven is is onbekend. Ook hier weer een uitgestrekt tempelcomplex, maar helaas laten mijn voeten het een beetje afweten. Dus na een kort bezoek aan de tempel vervoeg ik me naar de ingang/uitgang van de botanische tuin. In de tuin staan verschillende stalletjes met eten en drinken. In een soortement gril draaien interessante worstjes rond. Samen met een flesje ice-tea gaat dat mijn lunch van vandaag vormen.
Een paar websites over de botanische tuin en 'Wofo Si':
http://www.china.org.cn/english/features/beijing/30961.htm
http://www.travelchinaguide.com/attraction/beijing/wofo.htm (een informatieve site over Wofo Si)
http://www.beijingbg.com/Enbjbg1.htm (de homepage van de Botanische Tuin)
Niet alleen taxi-chauffeurs hebben moeite om het kleine straatje te vinden dat naar het hotel leidt. Ik ben dus ergens verkeerd ingeslagen en als ik na een half uur nog geen contouren van het hotel heb ontdekt besluit ik toch maar een taxi te laten stoppen. Ik heb het kaartje van het hotel, waar niet alleen de hotelnaam in Chinese lettertekens op staat, maar ook nog een plattegrondje. Dat zal dus geen problemen opleveren. Maar dat had ik gedacht .. Ook deze chauffeur kan met geen mogelijkheid het hotel vinden. Dus besluit ik maar na het vierde rondje uit te stappen bij de oostelijke ingang van het park en door het park naar het hotel te lopen. Vermoeid maar voldaan arriveer ik op de hotelkamer.
Wanneer mijn reisgenote een half uur later ook arriveert zijn we allebei wel in voor een bezoek aan de sauna en het zwembad. Van de sauna komt niks helaas. Met gebarentaal wordt ons duidelijk gemaakt dat de informatie op het bord niet klopt en dat de sauna niet open is. Dat is balen natuurlijk. Maar het zwembad is wel beschikbaar. Nou is het zo dat Chinezen nogal klein van stuk zijn, en mijn reisgenote voor een Nederlandse niet aan de al te lange kant, maar voor Chinese normen wel. Wanneer we plaatsnemen op een bankje tegenover de balie krijgen we dan ook allebei dezelfde kleur slippers en een kluisje dat in de zelfde ruimte ligt, namelijk in de herenafdeling. Het kost haar heel wat gebaren om de meisjes ervan te overtuigen dat ze het fout hebben. Uiteindelijk bereiken we dus zonder veel problemen het zwembad. De temperatuur is 27 graden, dat is wel lekker dus. En het zwembad is aardig groot. Al met al kunnen we anderhalf uur lekker uitzwemmen. Inmiddels is het al zeven uur. Op naar een eettentje. Nou leek het de eerste dag alsof er behalve een aantal only china restaurantjes weinig culinairs te vinden was in dit dorpje. Maar we hebben ons vergist. Op de route naar beneden treffen we warempel een Italiaans eethuis aan. Hoewel de cuisine niet echt overtuigt is dit gezellige restaurantje wel weer een verademing, na alle steriele inrichtingen die je meestal in de echte Chinese restaurantjes aantreft. We doen ons te goed aan een pasta gerecht en een salade, onder het genot van een plaatselijk biertje en een San Miquel. Rond tien uur 's avonds lopen we via de donkere straat weer terug naar het hotel. Het einde van een welbestede dag. Morgen volgt één van de hoogtepunten van de reis, qua attractie dan, het Zomerpaleis, dat zo'n tien kilometer hier vandaan ligt.
Zondag 28 december 2003
[zomerpaleis, gezellig restaurantje]


Onlosmakelijk verbonden met de naam van 'Empress Dowager' Cixi (Tzu Hsi), het Zomerpaleis, een prachtige landschapstuin van circa 300 hectare met in totaal 3000 gebouwen, paviljoentjes, tempels etc. En dan met name te danken aan haar stijl van creatief boekhouden: het totale budget dat gedurende twee jaar werd vrijgemaakt voor de modernisering van de Chinese marine heeft Cixi verdonkeremaand om haar zomerpaleis op te zetten en in te richten.
De taxi die we hebben genomen vanaf ons hotel brengt ons via een forse omweg (ze moeten toch wat verdienen die taxi-chauffeurs, niet waar?) bij de 'Nieuwe paleis ingang' van het Zomerpaleis. Officieel heet de plek overigens Yiheyuan (de tuin van de gecultiveerde harmonie). Ook deze plek heb ik in 2000 bezocht, toen was de indruk die het paleis op me maakte gigantisch, het kan alleen maar tegenvallen dan zou je zeggen. Maar niets is minder waar. Waar in 2000 de beperkingen van de groepsreis zich duidelijk voordeden is dat obstakel nu niet aanwezig. Er was slechts een dagdeel uitgetrokken toen voor bezichtiging van het complex, en dat is echt te kort. We hebben nu de tijd aan onszelf. We kunnen dus in alle rust langs alle prieeltjes, paviljoenen, tempel, tuinen, eilandjes, boten etc. wandelen.
Vanaf de ingang lopen we een eindje langs de oostelijke dijk van het Kunming meer. Het meer is bevroren, en op sommige plekken kun je het meer oversteken om aan de andere kant van het paleiscomplex te komen. Via de brug van de 17 bogen lopen we eerst naar het Nanhu Dao, het eilandje 'van de zuidelijke zee'. Hier had Cixi een zomerhuisje met uitzicht op het gehele heuvelcomplex. Een plekje van rust en bezinning om het zo maar eens te zeggen.
Vervolgens lopen we weer terug via de Oostelijke Dijk om bij de oostelijke poort via een aantal grote hallen het eigenlijke paleiscomplex te betreden. Er is een overdekte wandelgang, met prachtige schilderingen op het plafond en aan weerszijden boven, die van de oostelijke ingang naar de 'Marmeren boot' in het westelijk gedeelte van het paleis voert (728 meter lang), ze zogenaamde Changlang. Aan het begin van ie Changlang ligt ook de beroemde '' Hal van geluk en lang leven', dit was feitelijk het woon en leefgedeelte van Cixi. De plek ook waar zij dagelijks haar befaamde 128 gangen ontbijt, lunch en diner kreeg voorgezet. Vlakbij is ook de grote hal waar regelmatig opera voorstellingen werden uitgevoerd. Cixi was een groot liefhebster van opera, en ze had een speciale troon van waaruit ze de voorstellingen goed kon bekijken. Een stukje terug is de bekende visvijver in de Tuin van de Harmonieuze Belangen. Cixi hield ook van vissen, en vreemd genoeg haalde ze bakken vol binnen. Dat hoeft niet te verbazen want onder water zwommen zo'n 25 eunuchen die netjes telkens een vis aan het haak sloegen wanneer de keizerlijke hoogheid haar hengel weer had geactiveerd.
Op het midden van het wandelpad bevindt zich de ingang die naar diverse tempels boven op de heuvel voert, de Paiyunmen. Boven op de heuvel ligt de Pagode van het Boeddhistische Goede Leven, Foxiangge. Dit is het hoogste punt van het paleiscomplex. Van hieruit heb je een schitterend uitzicht. En warempel. In China zijn sommige zaken van eeuwigheidswaarde. In 2000 kwam ik beneden bij de wandelgang een souvenir verkoper tegen die op een kunstige wijze in een glazen sieraad een naam kon schrijven door een heel klein gaatje in het sieraad. Ik tref dezelfde verkoper nu aan bij de Pagode. En die kans laat ik me natuurlijk niet ontnemen. Voor de luttele somma van 10 Yuan krijg je een mooie hanger, met daarin de inscriptie van een naam die je zelf kunt aangeven.
Na een half uurtje in en rond de Pagode te hebben vertoefd lopen we de trappen weer naar beneden. We vervolgens onze route onder de wandelgang en komen uiteindelijk uit bij de Marmeren Boot. Weer zo'n staaltje van grootheidswaanzin. En dan ook het volgende nadeel: HIJ VAART NIET. Ze zijn vergeten er een motor in de bouwen denk ik. Vlak bij de boot zijn twee grote souvenirzaken. Ik koop nog snel een versierd porseleinen ei, want mijn zus verzamelt eieren van alle soorten en maten. Ook in de nabijheid van de boot zien we schitterende bouwwerken. Een aantal bruggen brengen ons naar het deel van de tuinen die naar de noordelijke uitgang voeren. We passeren dan nog Suzhou street. Weer zo'n ongelooflijk stuk kitsch en tegelijk zeer imponerend. De keizers hadden er behoefte aan om af en toe een drukke winkelstraat te bezoeken om spulletjes te kopen. Nou die heb je natuurlijk niet hier in een kunstmatig aangelegd park. Maar daar zag Cixi geen probleem, want wat er niet is kun je er maken, helemaal in het noorden van het paleiscomplex is daarom een winkelstraat aangelegd langs een kunstmatig riviertje. En een deel van het eunuchenpersoneel van de keizers was gaarne bereid om zich als winkelpersoneel te verkleden om de keizers ten dienste te zijn.
We bereiken de noordelijke ingang van het paleiscomplex en na een laatste blik op de heuvel van de 'Longevity' verlaten we het Zomerpaleis. We lopen nog een eindje langs de noordelijke muren. Maar dan is het wel genoeg geweest: een 1.20 Yuan taxi is bereid om ons terug te brengen naar ons hotel. En dat blijkt te kunnen in de helft van de tijd dat de vorige taxi ons van hotel naar paleis bracht. Zo zie je maar weer. Het taxigilde is een creatief gilde ...
Na zo'n dagje cultuur is er natuurlijk ook behoefte aan iets aangenaams culinairs. Maar we hadden al geconstateerd dat de mogelijkheden hier de Fragrant Hills beperkt zijn. Nou hadden we gisteren als onze only china assortiment verbreed tot een Italiaanse fastfood gelegenheid, maar of we vandaag nog iets anders kunnen ontdekken??? En we ontdekken nog niets anders. Een soortement mix tussen Amerika en China, in een cafeetje dat door drie jongelui wordt gerund. Ze hebben zelfs fatsoenlijke wijn te bieden, maar daar zijn we niet zo in geïnteresseerd. We willen wat eten, en zelfs dat kunnen ze leveren. En ja hoor!!! Een heerlijke salade. Een fatsoenlijke beefcurry en de nodige Tsing Tao's. Op die manier wordt onze laatste avond in de Welriekende Heuvels nog een echt feest.
Rond elf uur 's avonds komen we weer aan bij ons I.M. Pei hotel. We zijn toe aan een welverdiende nachtrust.
Weblinks over het Zomerpaleis en natuurlijk Cixi ...
http://www.chinavista.com/travel/yuheyuan/home.html (de homepage van het zomerpaleis??)
http://www.travelchinaguide.com/cityguides/beijing/summer.htm
http://www.beijingtrip.com/attractions/summer/ (een goede pagina!!)
http://www.travelchinaguide.com/picture/beijing/summer_palace/ (een mooie fotopagina van het zomerpaleis)
http://www.chinapage.com/biography/cixi.html (Cixi, met name foto's)
http://www.royalty.nu/Asia/China/TzuHsi.html (idem, veel info)
http://www.kings.edu/womens_history/tzuhsi.html
http://womenshistory.about.com/library/etext/bl_tyfb_00.htm (een compleet boek ...)
http://chineseculture.about.com/cs/cixi/ (veel weblinks met info over Cixi)
Maandag 29 december 2003
[taxi naar Song He hotel in de Dengshikou Dajie (Lantarenverkopersstraat), Wangfujing, stevige lunch in de bovenste verdieping van het Dong An warenhuis, 's avonds tweede afspraak met Zengyi, Donghuomen avondmarkt)
Gedurende het weekend wat ons hotel in de Fragrant Hills barstensvol. Het bleek een soort congres, waardoor het hotel inderdaad bijna volgeboekt was. Vanochtend zien we de gebruikelijke bezetting in deze tijd van het jaar tijdens weekdagen: nul komma zero. We zijn vanochtend wel tijdig om gebruik te maken van het standaard ontbijt. Maar in de ontbijtzaal is veel personeel aanwezig, maar het buffet is niet gedekt. De dames van de bedoening vertellen dat we kunnen laten weten wat we willen voor het ontbijt. Ze zullen het dan laten klaarmaken. Dat is aangenaam. Op die manier hebben we een gebalanceerd ontbijt inclusief koffie. Zonder exotische Chinese ingrediënten weliswaar. Maar dat is zeker geen gemis.
We hadden onze spullen gisteren al grotendeels gepakt. Een bellboy verschijnt om de koffers naar de beneden te brengen. We voldoen de rekening van het hotel (rond de 40 euro voor een tweepersoonskamer per nacht, dat valt dus heel erg mee). Een taxichauffeur staat al klaar om ons terug te brengen naar het centrum. Mijn reisgenote prefereert om een vaste prijs met hem af te spreken, omdat de taximeter al op 15 Yuan staat voor we vertrokken zijn. Het is vrij rustig op de weg, alleen in het centrum, en zeker in de buurt van ons hotel, is het wat drukker. Het kost weer de nodige moeite om de chauffeur het juiste adres aan te wijzen. En dat terwijl de Dengshikou (vrij vertaald: de lantaarnverkopersstraat) toch een heel bekende straat is, parallel aan de Wangfujing. Na een rit van anderhalf uur arriveren we bij het hotel. Het kost nogal wat moeite om het reserveringsbewijs te achterhalen. Dat is vervelend, want ik had het hotel via internet geboekt en vooraf betaald. Maar het probleem zit 'm in mijn email adres. Ze hebben de kamer gereserveerd op de naam Wim Haan, en in het Chinees komt de achternaam vóór de voornaam. Dus zoeken op mijn achternaam Haan levert weinig op. Pas als er ergens achteraan op de familienaam Wim wordt gezocht wordt de reservering gevonden. We krijgen een mooie ruime kamer op de zesde verdieping van het hotel. En hoera!!!! Eindelijk een bed met een matras die niet zo hard is als een plank.
Het Song He hotel ligt dus vlakbij de Wangfujing, de belangrijkste winkelstraat van Beijing. De straat heette oorspronkelijk Shiwangfu (tien keizerlijke broers). Eén van de Mingkeizers had hier tien broers ondergebracht om een oogje in het zeil te kunnen houden. In 2000 heb ik ook een week in het Song He hotel gezeten, en het is echt verbluffend om te zien hoeveel hier in drie jaar weer verbouwd is. Grote luxe warenhuizen, compleet western style, naar het schijnt neergezet met Hongkong kapitaal. Tussen al de nieuwe gebouwen is hier en nog wat bewaard gebleven uit het verleden. Zoals bijvoorbeeld de Dongtang, de oostelijke kathedraal. Het plein voor de kathedraal is één van de meest geliefde flaneerplekjes van Beijing.
's Middags flaneren we zelf wat langs de winkels van de Wangfujing. In de straat bevindt zich de grootste boekhandel van Beijing. Op de 1e étage is er ook een grote cd-winkel. Nu had ik in 2000 al circa 40 cdees met traditionele Chinese muziek gekocht. Daar kan ik nu dus van afzien. Dat scheelt in ieder geval gewicht en zeker ruimte in mijn koffer. Zodra je maar even afbuigt van de Wangfujing kom je in oude hutongs terecht. In het noorden van de straat zijn er ook kleine straatjes met winkeltjes van curiosa, souvenirs en niet te vergeten eten, veel eten. Nu is het zo dat ervoor gewaarschuwd wordt om niet bij straateettentjes te eten in China. Maar als je ziet hoe uitbundig de Chinezen zelf eten kopen bij de eetstalletjes ... Dus we laten ons verleiden tot wat satéstokjes. Ik neem een grote met inktvis, mijn reisgenote een paar met rundvlees. Het vlees en de inktvis worden op een bakplaat gebraden en worden vervolgens in een sojasaus gedoopt. Het smaakt voortreffelijk! We kuieren weer langzaam terug richting hotel. In het Dong An warenhuis bevindt zich op de bovenste verdieping een foodcourt. Veel Japanse en Chinese eettentjes, prima verzorgd, en tegen schappelijke prijzen. We laten ons een Japans kip en rundvleesmenu goed smaken. Mijn voeten beginnen me weer aardig te pijnigen. Dus we besluiten dat ik maar alvast richting hotel ga. We hebben vanavond afgesproken met Zengyi om elkaar nog een tweede keer te ontmoeten en samen een hapje te eten. Het is heel aangenaam om nog even te rusten in het hotel. Mijn reisgenote arriveert een paar uur later en is zo moe dat ze het eigenlijk niet ziet zitten om nog een keer erop uit te gaan en te eten. Dan maar alleen met Zengyi erop uit!
Vanuit het hotel lopen we langs de nachtmarkt, de Dong'anmen. Een prachtig gezicht al die eettentjes waar heerlijkheden worden tentoongesteld die je ter plekke kunt laten bereiden en opeten. Tot die heerlijkheden behoren behalve lams-ingewanden ook stokjes met schorpioen, sprinkhanen, en iets wat op een pop van een vlinder lijkt. Daarnaast natuurlijk slangenvlees en diverse obscure vissoorten. Zengyi is niet gediend van eten op straat. Hij weet aan het eind van de Wangfujing een goed restaurant waar de traditionele Beijing keuken werd geserveerd: de zogenaamde hotpot. Het eten smaakt echt voortreffelijk. Naast het lamsvlees selecteert Zengyi ook verschillende paddestoel-soorten. Een en ander vergezeld van een paar flessen San Miguel Light bier. We arriveren om half negen bij het restaurant. Om negen uur gaat het dicht. Maar we mogen rustig uiteten. Wat grappig is is dat rond half tien het personeel ook komt eten. Voor ons een voortreffelijke Beijing hotpot, voor het personeel enkel witte rijst met een soort waterig sausje erover heen. Verschil moet er zijn zullen we maar zeggen. Hier horen we dus dat een bediende in een restaurant circa 900 Yuan per maand verdiend, met werktijden van 9.00 uur 's ochtends tot 10.00 uur 's avonds. Twee vrije dagen per maand. De loonkosten zijn zo laag dat het niet hoeft te verbazen dat soms meer personeel dan gasten rondloopt in een restaurant. Rond half elf lopen we terug richting hotel. Zengyi levert me nog even af in de hal van het hotel en gaat dan huiswaarts. Hij vertelt dat hij van plan is om een appartement te kopen, en dat hij de volgende keer dat ik in Beijing zal zijn ons zeker in zijn eigen huis zal willen ontvangen. Onze levens zijn zo extreem verschillend, maar die sporadische ontmoetingen, hij in Amsterdam, en ik in Beijing geven toch een band. Vandaar dat ik met een licht gevoel van weemoed op mijn kamer terugkeer.
Enkele weblinks:
http://www.beijingtraveltips.com/trail/wangfujing/wangfujing.htm
http://bbs.keyhole.com/boards/showthreaded/Board-globalvillage-Number-4635-page--view--sb-5-o--vc-1.html (een VS forum met veel info over Beijing)
http://www.china-pictorial.com/chpic/htdocs/English/content/200204/10-1.htm
http://www.freitag.de/1999/40/99400301.htm (een fascinerend Duitstalig artikel over de geschiedenis van de Wangfujing)
http://www.wguides.com/city/78/114_255109.cfm (de 'nachtmarkt')
http://china.geekthegirl.com/imagepages/nightmarket2.html (je geloof me niet? echt hoor, dit zit er op het stokje)
Dinsdag 30 december 2003
[Wanfujing, metro, Lama klooster, Confucius tempel, Museum van de Chinese geschiedenis (Tian'anmen), restaurant in Wangfujing]
Vandaag staat de Yongghegong (het Paleis van de eeuwige Harmonie) op ons programma, ook wel Lama tempel genaamd. Een bezoek aan de Lama Tempel valt makkelijk te combineren met een bezoek aan de Confucius tempel, want die liggen vlak bij elkaar. We hebben nog geen gebruik gemaakt van de metro. Dat zullen we vandaag dus ook voor de eerste keer doen. Kortom, het wordt een dag met verschillende Beijing premières. Maar we starten de dag met een kop koffie bij Starbucks. Starbucks ligt recht tegenover de Oostelijke Kathedraal. Dus je drinkt niet alleen goede koffie, maar kunt ook nog van het uitzicht genieten.
Nu is de Lama Tempel vrij makkelijk te vinden met het openbaar vervoer. De ringlijn-metro heeft namelijk een apart station Yongghegong. Wanneer we echter op de hoek van de Wanfujing de metro inlopen zien we enkel Chinese plattegronden en aanwijzingen. Gelukkig is het op de perrons anders. Daar staat duidelijk de kaart van de metro met Engelse tekst. En in de metro's zelf worden de haltes ook vrij duidelijk omgeroepen. Het Wanfujing station bevindt zich op de oost-west lijn, we moeten dus één keer overstappen om op de ringlijn te komen. Dat levert geen problemen op, en 25 minuten later bevinden we ons op het Yongghegong station.
De Lamatempel ligt op tien minuten lopen van het station. Feitelijk ligt het metrostation naast het tempel complex, maar de ingang van de tempel bevindt zich in het zuiden, vandaar dat er een korte wandeling moet worden gemaakt. De tempel is door de Manchu-keizer Kangxi gebouwd voor zijn vierde zoon, Yongzheng. Pas nadat deze zijn vader was opgevolgd kreeg het toenmalige paleiscomplex te bestemming van Lamatempel. Nu heeft het verblijf in dit paleis niet echt een positieve invloed gehad op het karakter van Yongzheng. Hij is de geschiedenis ingegaan als één van de meest bloedaardige keizers, die bijna zijn hele familie inclusief zijn vader om het leven heeft laten brengen. Maar hoe het ook zij, voor het nageslacht is hij de stichter van dit klooster. Het is in ieder geval het grootste (en ook mooiste) Tibettaans tempelcomplex in Beijing. Vanaf 1744 tot 1960 was dit het belangrijkste Lama-klooster buiten Tibet. De Yongghegong behoort tot de Gelugpa sekte van het boeddhisme, wiens leider de alombekende Dalai Lama is. Naast de Dalai Lama die in ballingschap in India leeft heeft de Panchen Lama een belangrijke rol in het Tibettaans boeddhisme. Tot voor enkele jaren verbleef die in Beijing. De Panchen Lama erkende de heerschappij van China over Tibet. Maar inmiddels is de Panchen Lama ook naar India gevlucht. Daarmee is dit deel van de legitimiteit van het gezag van China over Tibet verdwenen.
Rond de tempel stikt het van de winkeltjes die wierook verkopen. Veel boeddhistische bezoekers van de tempel kopen die wierook in met de kilo's. Bij elke hal op het complex staan grote wierookbranders. Dat zorgt ervoor dat het gehele complex is doordrongen van een intense wierookgeur. In de hallen bevinden zich talrijke indrukwekkende Boeddha-beelden. In de laatste hal van de tempel (de Wanfuge, Paviljoen van het 10.000 voudige geluk) kunnen we het meest indrukwekkende beeld aantreffen: een staande Boeddha van maar liefst 25 meter hoog, gesneden uit de stam van een ceder-boom.
Weblinks met informatie over de Lama Tempel:
http://www.travelchinaguide.com/attraction/beijing/yonghe.htm
http://www.beijingservice.com/lamatemple.htm
http://www.beijingtrip.com/attractions/lamatemple.htm
Het Tibetaanse boeddhisme:
http://www.b-i-a.net/gelugpa.htm
http://www.asinah.net/en/wikipedia/b/bu/buddhism_in_china.html

Vanaf de Lama tempel is het een korte wandeling naar de Confucius tempel (Kong Miao). Buiten Qufu, de geboorteplaats van Confucius, is dit de belangrijkste tempel in China. De tempel bestaat sinds 1306 en is bij de oude Keizerlijke Academie bijgebouwd. Voordat de keizer daar voor de leerlingen van de academie een inleiding hield moesten eerst in de Confuciustempel rituelen worden uitgevoerd in verband met de verering van de oude meester. Het Confucianisme wordt als de bakermat van de Chinese cultuur aangemerkt. Confucius leefde van 551-479 v.Chr. Hij was filosoof en pedagoog. Zijn ideeën liggen ten grondslag aan de feodale maatschappij die China decennialang heeft gekenmerkt. Tijdens het bewind van Mao werd het Confucianisme met hand en tand bestreden. Maar de laatste jaren is er van een revival sprake: op zoek naar een nieuwe Chinese culturele identiteit worden elementen uit het Confucianisme herontdekt.
Het is een schril contrast: de drukte en de activiteit in de Lama Tempel versus de serene rust die hier kan worden gevoeld. Naast de stenen pilaren waarin de namen van 51 624 kandidaten voor een ambtelijke positie in het keizerrijk, de grote hal met de 72 heiligen uit de Confuciaanse traditie zijn met name de bomen op het tempelcomplex opvallen. Het gaat om grillig gevormde eeuwenoude cypressen. De één nog fascinerender van vorm als de ander. In een grote hal staat het 'Stenen bos van de 13 Confuciaanse geschriften'. Het lijkt wel een fabriekshal met grote stenen, en daarin gegrift teksten van de 13 belangrijke boeken in de Confuciaanse geschiedenis.
Enige websites over de tempel:
http://www.travelchinaguide.com/attraction/beijing/confucius.htm
http://plato.stanford.edu/entries/confucius/
http://www.secondsun.net/china2002/04.htm
http://users.pandora.be/wvaerewijck/wrcon.html
Na het bezoek aan de Confuciustempel gaan we op zoek naar een restaurantje, om iets te eten en te drinken. We vinden er een schuin tegenover de Lama Tempel. Via het aanwijssysteem bestel ik een Rundvleessoep met Noodles en mijn reisgenote een soort Ravioligerecht, een en ander met een pot thee en een fles bier aangevuld. Het smaakt overheerlijk. En voor de prijs, namelijk 9 Yuan hoef je het ook niet te laten. We besluiten met de metro terug te keren naar Wanfujing. Vandaar is het een niet al te lange wandeling naar het Museum of Chinese History.
Het Museum heeft op dit moment een grote tentoonstelling over Egypte en de piramides. Nou waren we niet naar Beijing gekomen om de piramides te bezoeken, dus we slaan deze speciale tentoonstelling maar over. Wat resteert is een kleine selectie van de enorme voorraad archeologische en oude kunstvoorwerpen. Desalniettemin is het een interessante collectie. Zeer opvallend is een doden-harnas van jade, uit de 11e eeuw.
Het museum heeft een mooie website: http://www.nmch.gov.cn/en/index.asp Daar valt meer te lezen over de collectie, inclusief een virtuele tour door het museum.
Mijn voeten beginnen weer aardig doorgesleten te raken. Ik besluit dus om voortijdig af te haken en terug te lopen naar het hotel. Op de kaart ongeveer 5 centimeter. Maar dat is toch één uur en een kwartier lopen. Dus enigszins uitgeput arriveer ik op de hotelkamer. Tijd voor een warm voetenbad op de badkamer.
's Avonds besluiten we in hetzelfde restaurant te gaan eten waar ik gisteren met Zengyi ben geweest. Voor een tweede keer laten we de Beijing hotpot heerlijk smaken. Rond half elf zijn we weer retour op onze kamer.
Woensdag 31 december 2003
[koffie bij Starbucks, met de taxi naar de markt bij de Tiantan Lu, lunch, taxi naar hotel, rustmiddag, diner bij het Capital Theater]
Ook deze dag starten we bij Starbucks. Het personeel kent ons zo langzamerhand al na drie dagen koffiedrinken. Ik maak enige kiekjes van het plein voor de kathedraal. Verderop in de Wanfujing worden we nog omhelst door een reclamepop. Met de taxi naar de markt bij het Tiantan Park. Maar als we na 5 minuten de taxichauffeur nog niet duidelijk kunnen maken waar het naartoe moet besluiten we uit te stappen en een volgende taxi aan te houden. Ook bij deze chauffeur gaat het niet van een leien dakje, te meer omdat we merken dat die aan een enorme omweg begint. Na tien minuten nemen we het heft over en geven aan waar hij af moet slaan. Op die manier lukt het toch nog om vrij snel bij de markt te komen.
Ik had de vorige keer een paar zijden nacht kleren gespot. Ik wil proberen ze voor een schappelijk prijsje aan te schaffen. De vraagprijs voor één is 380 Yuan, uiteindelijk krijg ik er twee voor 300 Yuan. Het blijft onduidelijk of ik nu een koopje heb of niet. Het is een heerlijke markt om urenlang doorheen te slenteren. Alleen moet je de verkopers soms nogal hardhandig van je afhouden. Ook hier wreekt zich weer dat het een slechte tijd is voor het toerisme. Met des te meer hardnekkigheid wordt je aangeklampt als er het vermoeden is dat ze iets aan de kunnen slijten.
Rond 14.00 uur gaan we terug naar het hotel. Mijn reisgenote besluit nog wat inkopen te doen, we naderen zo langzamerhand het eind van de reis. Je zou zeggen dat de feestelijkheden al in voorbereiding zijn voor de jaarafsluiting en de feestelijke inhuldiging van het nieuwe jaar. Niet dus. Slechts in een kelderachtig cafeetje dat we op loopafstand van het hotel ontdekken is enige versiering aangebracht. Maar daar moet je waarschijnlijk wel aan meebetalen, want een flesje bier kost hier 38 Yuan. Ietwat verderop ontdekken we een westers aandoend restaurant, in één van vleugels van het Capital Theatre. We besluiten ons te laten verwennen met het Bourgondisch menu. De ober schrikt er haast van als we dat bestellen. Op het menu staan o.a. Escargots, een Ribeye-steak, gegrilde garnalen, Eier-zalmsalade en nog wat gerechten. Hoewel het restaurant niet de vet-arme keuken ondersteunt is het gebodene wel lekker. Voor dit alles moeten we ook de vorstelijke prijs van 120 Yuan per persoon neertellen.
Rond 22.00 uur staan we weer op straat. Er is helemaal niks te zien van oudjaar viering. Ook om middernacht blijft het vuurwerk uit. Blijkbaar wordt in Beijing toch alleen maar het Chinese Nieuwjaar gevierd. Maar dat is op 22 januari, daar kunnen en willen we niet op wachten. Eén de eerste keren de afgelopen jaren dat ik helemaal geen oudjaar heb gevierd.
Donderdag 1 januari 2004
[koffie bij Starbucks, China Art Gallery, Dong An winkel, Japanse lunch, 's avonds eten in visrestaurant bij de Donghuomen nachtmarkt]
Vrijdag 2 januari 2004
[met taxi naar Luchthaven, geen strenge controle, vlucht heeft twee en een half uur vertraging, vertrek rond 16:00 uur, aankomst Amsterdam Schiphol 19:55 uur, thuis 21:00]
Oude foto's 2000:
Leuke/interessante websites:
http://www.thebeijingreport.com/ (een echte aanrader!!)
http://chinasite.com/Regions/Beijing.html
http://www.china.starttips.com !!!!!
http://users.pandora.be/wvaerewijck/wcnindexcul.html en http://users.pandora.be/wvaerewijck/wcnindexrel.html (aanbevolen, Nederlandstalige site)
http://library.thinkquest.org/26469/cultural-revolution/
http://ulink.ourfamily.com/city/cityguides/beijing/dining.htm ('Dining in Beijing', zeer informatief, aanbevolen!!!)
http://www.chinavista.com/experience/index.html
De reisgidsen die ik heb gebruikt voor deze Beijing reis:
Insight Guide Beijing, Tom le Bas (editor), London, Insightguides 2001.
Lonely Planet Beijing, Robert Storey, London, Lonely Planet Publications 1998.
Dumont Reise-Taschenbuch Peking & Umgebung, Yipeng Jiao, Köln, Dumont Buchverlag 2000.
Insight Compact Guide Beijing, Franz Josef Krücker, Singapore, Apa Publications 1998.
Peking, Deltas Merian Live, Angelika Lange-Gao, Brussel, Deltas 2001.
Insight Guides China, Manfred Morgenstern, Nl. uitgave Zeewolde, Cambium 1999.
Insight Map Beijing, Fleximap, Fleximaps 2002.
The Confucian Temple in Beijing, drietalige uitgave van de Confucius Tempel.
Gidsen en andere boeken:
Mao Zedong, Man, Not God, Quan Yanchi, Beijing Foreign Language Press, 1992/1996.
The Dead Suffered Too, Yue Nan & Yang Shi, Beijing Panda Books 1996.
Understanding Confucius, Ding Wangdao, Beijing Panda Books 1997.
From Emperor to Citizen, The Autobiography of Aisin-Gioro Pu Yi, Pu Yi, Beijing Foreign Language Press 1965.
China, Hongkong, Taiwan BV, Superstaat op zoek naar een nieuw systeem, Willem van Kemenade, Amsterdam Uitgeverij Olympus/Contact, 1999.
De Culturele Revolutie in China, Adrian Hsia, Amsterdam, Spectrum Uitgeverij 1972.
Mao Tse-Toeng, Per-Olof Karlsson, Aalten, uitgeverij Interland 1974.
Het Tiananmen-Dossier, Zhang Liang, red. Andrew J. Nathan, Amsterdam Uitgeverij Contact 2001.
© Wim Haan, 2004