Betwiste waardigheid

 

Barbara Spruit

 

Een begrafenis van een veelbelovend politicus. De minister-president gaat erheen in zijn dienstauto. De eerste burger van Nederland, de man die acht jaar lang het land geleid heeft, Nederland heeft vertegenwoordigd in het buitenland, de grote wereldleiders heeft ontmoet en het volk heeft toegesproken, moet de kerk via de achteruitgang verlaten omdat gevreesd wordt dat de massa die voor de kerk door dranghekken in toom gehouden moet worden zijn doorgang niet met gepaste eerbied garandeert. Wat bezielt deze mensen? Waarom treedt de politie niet op? Waarom kiest Kok de achteruitgang? Hoe kan dit gebeuren? Wat verstaat men dan onder normen en waarden? Of wormen en maden zoals Gerard Reve lang geleden al zei. Is dit thema origineel of relevant?

 

Wat in de tijd van 'De Avonden' door het conservatieve establishment belangrijk gevonden werd, daar wilde iedere moderne en vrijdenkende intellectueel toen juist vanaf. Tegenwoordig is het weer in om te verlangen naar een maatschappij met een duidelijke gedragscode omdat er behoefte is aan richting en er ontsporing dreigt. God is immers dood, we willen consumeren, maken ons niet meer druk om anderen, als je jong bent ben je hip en als je oud bent ben je lelijk, en autoriteiten zijn afgeschaft. Daarnaast is onze samenleving bevolkt geraakt door mensen die er wel een duidelijk, door religie gestuurd wereldbeeld op na houden: de moslims. Dat wordt als bedreigend ervaren omdat niet-moslims daar niets meer tegenover weten te stellen.

 

Normen en waarden zijn universeel maar voor een groot deel ook cultureel bepaald en tijdgebonden. Maar als er geen kerk meer is die vertelt wat goed en kwaad is, als er geen autoriteiten meer zijn om te straffen als het mis gaat, waaruit bestaat dan die cultuur? Dan blijft alleen de grondwet over, gebaseerd op de Code Civil uit 1789 die werd opgesteld om burgerrechten vast te leggen en burgers te beschermen voor een al te machtige staat. Door de ontwikkelingen in de 20e eeuw heeft de overheid macht verloren en lijkt de enige macht nog die van het geld te zijn. En als geld het enige criterium is, als beslissingen worden gemaakt vanuit financiële motieven, met andere woorden: als het geld de norm is geworden en waarde alleen nog wordt uitgedrukt in geld, dan zijn er geen normen en waarden meer.

 

Valt de staat, de overheid, de politici wat te verwijten? Het antwoord is JA. Ik zie om mij heen een maatschappij van goedbedoelende mensen die door de politiek gedwongen worden mee te draaien in een maatschappij die niet door hen gewild is. Enerzijds is er al jaren een hard economisch beleid waardoor bijvoorbeeld alleenstaande moeders gedwongen worden te gaan werken, vluchtelingen Nederland worden uitgezet en op grote schaal voormalige overheidsbedrijven worden geprivatiseerd. Medische zorg is een product geworden dat door managers in de markt wordt gezet met als gevolg dat het een luxe is, alleen toegankelijk voor de rijken, in plaats van behorend tot de eerste levensbehoeften. Ik kan morgen voor 19 euro naar Malaga vliegen maar een tandarts is in heel Amsterdam niet meer beschikbaar. Idem voor het onderwijs trouwens.

 

Aan de andere kant wordt er door de overheid geconstateerd dat ouders steeds minder tijd aan hun kinderen besteden waardoor zij een achterstand oplopen en eerder dreigen te ontsporen en tot crimineel gedrag geneigd zijn. Kinderen zijn het afgelopen decennium tot consumenten gemaakt: nu kijken ze te veel TV en worden ze te dik. Door stress zijn een groot aantal werkenden in de WAO beland en de integratie van minderheden heeft gefaald. Maar toen er een grote groep Nederlandse buurtbewoners de straat op ging om tegen de uitzetting van hun Turkse buurman te protesteren werd hun actie genegeerd: Gumus en zijn gezin moesten volgens de regels van het asielbeleid Nederland verlaten. Hoezo geen normen en waarden? Er zijn veel meer voorbeelden van dit soort tweeslachtige signalen die de overheid uitzendt: aan de ene kant vrijheid blijheid (voor de economie), aan de andere kant het vermanende vingertje en de afwezigheid van verantwoordelijkheid voor de schaduwzijden van ongebreideld kapitalisme.

 

Politici dragen dus schuld, met een korte termijn visie en een economisch beleid zonder verantwoordelijkheid voor de consequenties van dat beleid. Maar er is nog een groep in de samenleving die het de afgelopen 15 jaar heeft laten afweten: de intellectuelen. De wetenschappers, kunstenaars, schrijvers en hoogopgeleiden van dit land: de elite, heeft plaats gemaakt voor het volk, en die plaats hebben zij vrijwillig afgestaan.

 

Het is begin jaren '90 begonnen om bijvoorbeeld soaps aan wetenschappelijk onderzoek te onderwerpen, om André Hazes dezelfde kwaliteiten toe te dichten als Mozart, door aan de mening van Vanessa net zoveel waarde te hechten als aan die van een gerenommeerde wetenschapper. Het resultaat is pijnlijk: er is geen enkel literatuurprogramma meer op de televisie, iedere kwaliteitskrant heeft een Magazine met het niveau van de Viva en deskundigen mogen op televisie tussen de reclame door alleen in gewone-mensentaal de uitkomsten van hun onderzoek samenvatten. Politici spreken in Jeugdjournaal-taal. Intellectuelen buigen het hoofd en duiken weg als ze wordt verweten slechts voor een selecte groep begrijpelijk te zijn, met als gevolg dat ze zich helemaal niet meer laten horen. Want iedereen die iets vindt is gelijkwaardig geworden, iedereen overschreeuwt elkaar en niemand komt daartegen in opstand.

 

Wat de waarden zijn van volwassen mensen, dat weet niemand meer. Want deze maatschappij is gericht op genot en direct resultaat, voortkomend uit het korte termijn denken dat hoort bij een marktgerichte houding ten aanzien van alles. Volwassenen echter, en vooral intellectuelen, zouden beter moeten weten: dat er collectieve inzet en offers vereist zijn, dat de mens vaardigheden moet ontwikkelen en kennis vergaren, dat onmiddelijke en kortstondige lustbevrediging niet de voldoening geeft die men zoekt. Dat vlijt, concentratie en doorzettingsvermogen grote deugden zijn die nodig zijn om niet alleen het eigenbelang te dienen maar het belang van een hele gemeenschap. Dat het maken van beslissingen niet kan zonder nuance en diepgang. En dat de minister-president van een beschaafd land in alle plechtigheid de kerk via het voorportaal verlaat. Zo hoort het.