Het Wetboek van Normen en Waarden

 

Esther Pans

 

 

Als ik aan normen en waarden denk doemen in mijn gedachten onmiddellijk visioenen op van verzuurde ouderen en verbeten politici. De term wordt altijd gebruikt in een sfeer van klagen en kankeren en fungeert dan als aanklacht. Brr… Volgens mij zijn normen en waarden helemaal niet zo’n eenduidig begrippenpaar en hebben discussies erover een hoog fake-gehalte. Buiten de meeste basale omgangs- en fatsoensvormen om, zie ik ieders morele inborst als hoogst persoonlijk en flexibel. Ik houd mij lang niet aan alle maatschappelijke regels; toch vind ik mijzelf geen asociaal of immoreel mens. Ik hanteer mijn eigen, interne logica in goed en kwaad en voel mij vrij om dat te doen, hoewel ik als jurist vast anders zou moeten denken.  

Voor een dierenactivist heb ik meer begrip dan voor een keurige burgerman die geheel onverschillig zijn kiloknaller-biefstukje bij de supermarkt koopt. Ik rijd wel eens zwart in de tram, maar sta wel altijd op voor ouderen. Ik fiets geregeld door rood, zonder licht of tegen het verkeer in – en deze feiten ook wel eens in cumulatieve combinatie. Maar ik let wel altijd goed op andere verkeersdeelnemers en probeer ze niet te hinderen. Soms zet ik mijn vuilnis een dag te vroeg buiten, maar ik gooi nooit papiertjes op de grond. Mijn compassie met bedelaars en daklozenkrantverkopers is de afgelopen jaren behoorlijk geslonken, maar straatmuzikanten en collectanten geef ik wel altijd geld. Wanneer in een café de rekening te laag uitvalt zeg ik er alleen iets van als de bediening aardig was. Als student heb ik wel eens een fiets bij een junk gekocht, maar nu - als werkend mens - vind ik dat niet meer kunnen. Ik probeer in winkels aardig en geduldig te blijven, ook als ik haast heb of geïrriteerd ben, maar onbeschofte onverschilligheid beantwoord ik zonder enige moeite met ijzige arrogantie.

Ieder mens zijn eigen Wetboek van Normen en Waarden! Uit praktisch oogpunt is het wellicht niet de meest handige oplossing, maar zelf kan ik goed leven met dit idee. De agent die mij een bon gaf voor fietsen zonder licht bleek helaas een andere logica te hanteren dan ik, maar ja… daar kon ik ook wel weer begrip voor opbrengen.